Al sinds het langharige tuig (tegenwoordig noemen we ze de verwende babyboomers die het beste uit de ruif voor zichzelf reserveerden) opkwam tegen al het denkbare onrecht in de wereld (soms met het rode boekje van voorzitter Mao in de hand) is er meer en meer een slachtoffercultus ontstaan in dit deel van de wereld. Allereerst waren het anderen die voor de vermeende slachtoffers opkwamen, tegenwoordig is er een cultus ontstaan waarbij iedereen het slachtofferschap wel op een of andere manier voor zichzelf weet te claimen. Of je nu ingegroeide teennagels hebt of vroeger een man bent tegengekomen die aan het potloodventen was, je bent slachtoffer en je doet er goed aan om daarvoor compensatie te claimen bij de gemeenschap. Je kunt het zo gek niet bedenken of je kunt er slachtoffer van zijn. Het is volkomen in onbruik geraakt om een beetje flink te zijn en je jezelf probeert te bedruipen al of niet met behulp van vrienden en familie.
De politiek is er op ingesprongen door slachtofferschap als serieus probleem te definiëren waar oplossingen voor verzonnen moeten worden. Elke oplossing kost geld en zodoende is de staat een hongerige geldvreter geworden die met tienduizenden ambtenaren het geld bij de burger wegzuigt om het via een ingenieus systeem bij vermeende slachtoffers te laten druppelen. Iedereen betaalt er aan mee. Zo gauw een politicus de moed zou opbrengen om te zeggen dat we voortaan de flinkerds wat beter op weg helpen en dat iedereen flink moet leren zijn wordt ie als harteloos opzij gezet en wordt er weer een demonstratie bij elkaar geroepen van vermeende slachtoffers die de dupe zijn.
Met jou zeg ik, laten we ons van de slachtoffers ontdoen. De staat weer terug in zijn hok en geen diefstal via de belastingen meer. De babyboomers knijpen we af, die hebben genoeg voor zichzelf gezorgd.