Blokhut bij Skjolden (deelpublicatie)
©2009 Leo Burger
Pornorel
1
Greta Grondlagun, lid van het Noorse parlement voor Socialistisch Links, liep snel van de auto, die voor de de ingang van de televisiestudio stond, naar binnen. Er woei een stevige bries en natte sneeuwvlokken, die door de donkere avond stoven, beperkten het zicht. Ze had een tas bij zich met daarin een geschrift waar binnen de kortste keren een rel over zou uitbreken. Ze was voor een laat praatprogramma uitgenodigd over een onderwerp wat niets uitstaande had met datgene wat ze in haar tas had zitten. Greta Grundlagun stond bekend als een van de meest radicale feministen die het land kende en ze fulmineerde keer op keer tegen de uitbuiting van vrouwen waar ook ter wereld.
Het was voor programmamakers vaak een feest als Grundlagun in het programma zat. Ze was altijd goed voor een relletje door de humoristische manier waarop ze haar standpunten naar voren bracht of waarbij ze al of niet vermeende tegenstanders met een rake oneliner in een hoek wist te drijven. Je moest haar niet tegen je krijgen. Als televisiemaker liet je haar gewoon een beetje haar gang gaan en dan zat het met de kijkcijfers altijd goed.
Zoals altijd zag ze er goed verzorgd uit en toen ze even later onder de studiolampen aan tafel zat was ze op haar gemak. Ze had al zoveel drukdoende studiomannetjes gezien dat ze zich er amper om bekommerde wie ze voor zich had en wat voor vragen er gesteld werden. De opnameleider hield een bord omhoog en het publiek begon te klappen. Drie studiogasten zaten aan tafel en de twee gespreksleiders stonden op het punt hun inleiding af te steken. De show kon beginnen.
Greta Grundlagun was zich goed bewust van het feit dat de camera, zoals gewoonlijk na de inleiding van de moderatoren, langs de tafel ging en het boekje registreerde dat ze precies op dat moment op de tafel legde. Haar vriend zou haar later zelfs complimenteren voor dat precies uitgekozen moment dat zo achteloos over leek te komen. Op de voorkant van het boekje was een obscene afbeelding te zien van een naakte jonge wulpse vrouw. Rond de wulpse vrouw was een bloemetjesmotief. De titel en de naam van de auteur van het boekje was tussen de bloemblaadjes gezet in vette letters. De cameraman bleef slechts een halve seconde hangen bij dit beeld. Maar het was genoeg om de titel van het boekje in de hoofden van miljoenen kijkers te prenten. Dat was nog vóór Greta Grundlagun er een aantal passages uit had voorgelezen die menig koppel zou stimuleren tot de liefdesdaad, diezelfde nacht nog.
De moderatoren van het programma wisten niet eens hoe hun show gemanipuleerd werd. Meestal waren gasten overdonderd door het aanwezig zijn voor de nationale televisie, zodat ze zich braaf gedroegen, maar Greta Grundlagun was niet overdonderd en ze wilde zich zeker niet braaf gedragen. En zo werd de nachtshow een evenement waar de bladen nog ruim een week over schreven, en men weet, een week in de media is een eeuwigheid.
Aanvankelijk verliep de show nog volgens het draaiboek zoals de moderatoren Hans Joachson en Kay Mannel zich voorgesteld hadden. Maar halverwege kon Joachson zich niet meer inhouden en vroeg aan Greta wat het boekje met de obscene afbeelding op tafel deed. Hij grapte: ‘Het ziet er niet erg parlementair uit.’ Greta trok een wenkbrauw op en even voelde Joachson zich niet op zijn gemak omdat het de inleiding kon betekenen van een goedgeplaatste opmerking die hem te kakken zou zetten. In plaats daarvan vroeg Greta: ‘Jij wilt dus weten wat ik hier voor me heb liggen? Goed, ik zal het je zeggen. Het is inderdaad niet parlementair. Dit is een boekje dat deze week in de boekhandel is komen te liggen en aangezien iedereen het kan inzien en kan kopen ben ik benieuwd wat de mensen van de inhoud vinden. Ik zal er een stukje uit voorlezen, wilt u me alstublieft niet onderbreken.’ Greta zette een leesbrilletje op en klapte het boek open en begon met zachte stem voor te lezen. De camera zoomde in op het boekje met daarboven het rustige gezicht van Greta Grundlagun.
De pornografische voorleessessie was hét nieuws van de volgende dag. De kranten openden ermee en het werd besproken in de ochtendshows op radio en televisie. En de avond die erop volgde was het enige gespreksonderwerp in alle talkshows de ‘hete’ voorleessessie van Greta Grundlagun, de meest feministische parlementariër, uit het boekje ‘Blokhut bij Skjolden’, die na enkele prikkelende passages de vraag had opgeworpen of porno met een perverse strekking nu wel of niet vrouwonvriendelijk was. ‘Het wordt weer tijd voor een fundamentele discussie. Jaren geleden hebben we de felle debatten gehad in de samenleving of we pornografie moesten tolereren. Is het nu goed of niet? De voorstanders konden nooit goed hun argumenten naar voren brengen vanwege het gevaar dat ze niet meer serieus genomen zouden worden in het maatschappelijke debat en dus was het prijsschieten voor de tegenstanders zoals ikzelf. Het gevolg is slechts geweest dat geen serieus mens zich meer om de inhoud bekommerde en we de zaak hebben overgelaten aan producenten die geen moer geven om kwaliteit of moraal.’ Greta had bij de laatste woorden het boekje dichtgeklapt en rustig gekeken naar de gezichten van Hans Joachson en Kay Mannel die niet goed wisten wat ze met deze onverwachte wending in hun show aanmoesten. ‘Eh, bedoelt u dat we pornografie weer goed moeten gaan vinden?’ Greta schudde bedaard haar bebrilde hoofd waarbij het kettinkje waarmee deze aan haar nek bevestigd was heen en weer slingerde: ‘Ik bedoel slechts dat we de oorverdovende stilte rondom dit onderwerp moeten verbreken.’
‘Blokhut bij Skjolden’ was binnen een dag uitverkocht. Binnen een week lag er een tweede oplage in de winkels die ook in een dag was uitverkocht. De uitgever die voorzag dat het de hit van het jaar kon worden had de derde en de vierde druk al in voorbereiding en voorzag in een luxe gebonden uitgave. Intellectuelen en publieke figuren gingen er publiekelijk prat op dat ze het op het nachtkastje hadden liggen. ‘Gewoon verdomd goed geschreven, kerel. Lust is gewoon menselijk weet je wel?’ Op de redacties van de diverse talkshows probeerde men de uitgever te overreden om de identiteit prijs te geven van de schrijver die volgens de kaft A. Mannel heette, maar waarvan iedereen direct aannam dat het een pseudoniem was. De uitgever echter wilde niets vertellen over de ware identiteit van de auteur. Er werden vergelijkingen getrokken met Histoire d’O', waarvan pas na jaren duidelijk werd dat het echt door een vrouw geschreven was. Om uit geen nieuws toch nieuws te maken werd er aan allerlei feitjes aandacht geschonken. Zo ook aan de filosoof Ludwig Wittgenstein die voor de eerste wereldoorlog in Skjolden had gewoond. Verschillende cameraploegen bezochten Skjolden en de gemeenteraad en de burgemeester zagen verheugd dat het aantal overnachtingen in hotels flink toenam, maar vertelden voor de camera’s dat ze zich wel bezorgd maakten over de reputatie van de gemeente.
‘Blokhut bij Skjolden’ kreeg navolging, er verschenen meer boekjes met titels die erop parodieerden of anderszins naar verwezen. ‘Met mijn blokhut in jouw Skjolden’, of ‘Hete sneeuw in Skjolden’ waren bijvoorbeeld boekjes die in het kielzog van succes wilden meevaren. En er waren ook plannen voor een film. Feitelijk waren er al een heleboel films over de blokhut van Skjolden, maar die waren op de gebruikelijke manier gefilmd zoals al die andere vunzige werkjes waarbij het verhaal er niet toe doet en waarbij de voornaamste tekstregels van de acteurs bestaan uit gehijg. De plannen voor de serieuze film strandden op de weigering van de auteur. Hierdoor werd de nieuwsgierigheid naar de ware identiteit van de auteur bij de media nog meer geprikkeld, maar wat men ook aan onderzoek deed, men kwam niets te weten.
Zoals dat met elke hype gaat, kwam ook het rumoer rond ‘Blokhut bij Skjolden’ tot bedaren en waren het weer de asielzoekers en de oplopende werkeloosheid die de aandacht opeisten. Inmiddels waren er vierhonderdduizend exemplaren over de toonbank gegaan en dat is voor Noorse begrippen zeer uitzonderlijk als je bedenkt dat de bevolking net iets meer is dan vierenhalf miljoen zielen. Er was inmiddels een vertaling in het Deens verschenen en ook aan de overkant van het Skagerrak waren de verkoopcijfers zeer goed. Toch was er uiteindelijk nog maar één enkele journalist bezig, die af en toe in de schaarse uurtjes die hij over had, onderzocht of hij de identiteit van de schrijver van het erotische werkje kon achterhalen. Die jonge journalist was Aleksander Grundlagun en was niet helemaal toevallig de zoon van de parlementariër Greta Grundlagun.
2
Aleksander had samen met zijn vriendin, Birgitte, op bed televisie gekeken in hun appartement in Oslo op de avond dat zijn moeder in de nachtshow zat bij Hans Joachson en Kay Mannel. Zijn moeder was in de afgelopen jaren al zo vaak op de televisie geweest dat het voor hem op zich geen groot nieuws was. Hij viel al zappend halverwege het programma binnen toen zijn moeder nog moest beginnen met haar voorlezing. Hij wilde al doorzappen toen Birgitte klaagde dat hij de tv nu eens om een enkel kanaal moest laten staan omdat ze horendol werd van dat wisselen van de zenders. Zodoende gaf Aleksander een beetje zuchtend de afstandsbediening over aan Brigitte en maakten ze samen het het moment mee waarop zijn moeder haar leesbrilletje opzette en uit ‘Blokhut bij Skjolden’ begon voor te lezen.
Birgitte had ademloos geluisterd en was na het programma dolenthousiast. ‘Kijk, dat is nu eens moedig van je moeder. Ze zet op een heel slimme manier de uitbuiting van vrouwen in de porno-industrie weer op de agenda.’ Aleksander zuchtte, hij was zo intens moe van alles dat naar feminisme rook. Toen Birgitte over zijn benen streek, wat haar gebruikelijke inleiding was voor een vrijpartijtje, sprong Aleksander uit bed en liep naar de keuken en opende de ijskast om een pak melk te pakken die hij aan zijn mond zette. Birgitte kwam hem achterna gelopen en had het licht aangedaan. ‘Aleksander, viezerik, ik vind het vies als je uit het pak drinkt. Als je melk wil dan pak je gewoon een glas. Wat is er met je aan de hand? Waarom wijs je me af?’
Aleksander zuchtte en pakte een glas en schonk hem vol. ‘Ik snap het niet. Types zoals jij en mijn moeder gaan te keer tegen alles wat naar pornografie ruikt en tegelijkertijd verlekker je je aan dat wat mijn moeder voor de televisie aan het voorlezen is. Ik vind het hypocriet.’ Hij ging aan de keukentafel zitten en keek met een mengeling van boosheid en gekweldheid naar Birgitte die in de deuropening van de keuken bleef staan en nadacht over een antwoord. ‘Hoe kom je erbij dat ik me verlekker over het verhaal dat je moeder voorlas?’ Ze wilde tijd winnen met haar vraag, maar ze ontkende het niet en dat was, zo wist Aleksander, hetzelfde als een bevestiging. ‘Schatje’, Birgitte liep op hem af en legde een hand op zijn schouder, ‘laten we er nu niet moeilijk over doen.’ Aleksander voelde een onredelijke boosheid over zich komen en schudde haar hand van zich af. Birgitte ging tegenover hem zitten en keek hem aan. ‘OK, ik vond die passage die je moeder voorlas best spannend. Wat is daar mis mee? Het is gewoon een verhaal van een schrijver en er is geen vrouw naakt voor de camera verschenen. Het is prikkelend en niemand is misbruikt. Het leven moet ook een beetje geleefd worden. We kopen dat boekje morgen en dan kijken we samen of we het allebei spannend vinden.’ Aleksander keek naar zijn glas en mompelde binnensmonds: ‘Het is een beetje een afknapper als ik bij dat verhaal steeds de stem van mijn moeder hoor, dat is niet iets wat ik spannend kan vinden.’ Hij moest denken aan het voorval van enkele jaren geleden zijn moeder had ontdekt dat hij wat pornoblaadjes onder zijn matras had liggen. Ze had hem ter verantwoording geroepen en hij had vele preken moeten aanhoren over het intens slechte karakter van pornografie. Het een na ergste waren de gepijnigde vragen geweest van zijn moeder. ‘Vind je het dan niet erg dat je je aan het verlustigen bent aan de lichamen van die jonge meisjes die misleid zijn en uitgebuit worden? Wat gaat er dan door je heen als je je dat bedenkt? Wat heb ik verkeerd gedaan?’ Aleksander had geen antwoord gegeven en omdat hij bleef zwijgen bedacht zijn moeder een nog meer drastische maatregel die de meest vernederende ervaring in zijn leven bleek te zijn. Ze nam hem mee naar haar vrouwengroep en daar moest hij midden in die kring van fanatieke feministen zichzelf verantwoorden. Hij stond terecht als was hij een seriemoordenaar en het enige lichtpuntje was misschien dat ze hem niet ter dood zouden veroordelen, hoewel hij op dat moment misschien liever eerst doodgeschoten zou zijn. ‘Wat gaat er dan door je heen als je jezelf aan het aftrekken bent en je kijkt naar die arme meisjes?’ Het is niet makkelijk om antwoord te geven op deze vraag als je midden in een kring staat van bezorgde vrouwen die hun zuster wilden bijstaan in de opvoeding van haar zoon. Aleksander had sinds dit voorval op zijn zestiende nog jaren nodig gehad om te herstellen van deze gebeurtenis.
Birgitte had de woordenwisseling gesust en hij was met haar mee naar de slaapkamer gegaan waar net de eerste herhaling zichtbaar was van de nachtshow met zijn voorlezende moeder erin. ‘Ik zet hem wel uit schatje’, had Birgitte gezegd en even later lag ze naast hem te slapen. Hij lag in het duister te kijken en dacht na over de jaren waarin hij te leiden had gehad van het wereldbeeld van zijn moeder. Zijn jeugdjaren waarin hij geen vader had gekend omdat zijn moeder dat niet belangrijk vond. ‘Je vader is gewoon een zaaddonor. Waarom zou je hem ontmoeten?’ Net nadat hij op zichzelf was gaan wonen had zijn moeder Jan Triljaard leren kennen en ze stelde hem aan Aleksander glunderend voor als de liefde van haar leven. Hij had moeite met het accepteren van ‘die Triljaard’ waar zijn moeder zo eng bewonderend naar kon kijken. Hij had wel gemerkt dat zijn moeder een heleboel van haar ijzeren principes opzij kon zetten als het Jan Triljaard betrof. Toen hij haar daar een keer op aan had gesproken had ze hetzelfde gezegd als wat Birgitte zojuist tegen hem gezegd had: ‘Het leven moet geleefd worden.’ Waarom ze dat niet bedacht had toen hij poppen kreeg in plaats van een plastic machinepistool, of dat hij met een belachelijk gebreide muts naar school moest terwijl zijn vrienden stoere baseballpetjes droegen, dat alles stemde hem bitter. ‘Mannen zijn eigenlijk nergens goed voor’, had ze meerdere malen gezegd en hij had zich als kind meerdere keren afgevraagd wat ze met hem zou aanvangen als hij geen jongetje meer was.
De volgende dag wist hij een van de laatste exemplaren van de eerste druk te bemachtigen en liet het inpakken. Een paar vliegen in een klap; Birgitte kreeg een presentje; hij legde het ongemakkelijke geschil bij en hij kreeg ook zelf de gelegenheid om te kijken waarom zijn moeder juist dat werkje had uitgezocht om op de televisie voor te lezen. In de boekhandel werd hij herkend als de zoon van Greta Grundlagun. ‘Prima actie van je moeder’, zei de verkoopster en ze overhandigde hem het ingepakte boek. Wat scheelde al die vrouwen dat ze het zo geweldig vonden wat zijn moeder had gedaan? Hij vroeg aan de verkoopster: ‘Heb je het gelezen?’ Hij knikte naar zijn pakketje. ‘Ik ben er meteen in begonnen vanochtend toen ik hier aankwam. Het is heel verfrissend. Ik ben je moeder dankbaar hoor, dat ze het zo bevrijdend gebracht heeft. Heerlijk mens die moeder van jou.’ Aleksander had afwezig geknikt en was de zaak uitgelopen. Het was niet de plaats, tijd of persoon om zijn jeugdtrauma’s bloot te leggen.
Die avond overhandigde hij het boek in cadeauverpakking aan Birgitte en zij gaf hem een kus. ‘Stom van me dat ik me gisteravond zo liet gaan.’ ‘Ach joh, ik begrijp het wel. Voor mij is Greta toch op de eerste plaats een bekende parlementariër, het icoon van de vrouwenstrijd en pas op de tweede plaats jouw moeder. Jij ziet gewoon je moeder die een erotisch verhaal voorleest. Ik weet niet hoe ik me zou voelen als het mijn moeder zou zijn. Laten we gewoon net als iedereen anders lekker dit boekje gaan lezen. Direct als ik het uit heb, ben jij aan de beurt.’
Toen Aleksander het boekje van Birgitte kreeg, had ze een blosje op haar wangen. ‘Het is eh, eh heel bijzonder’, had ze gezegd en drong erop aan dat hij het meteen zou gaan lezen. Ze pakte een flesje wijn en zette zachtjes een muziekje op terwijl ze controleerde of de gordijnen goed gesloten waren. Aleksander ging in zijn leesstoel zitten en sloeg het boekje open.
‘Hoog in de heuvels bij Skjolden, waar weinig mensen komen, is een blokhut waarin een opzichter woonde die aan de eenzaamheid verknocht leek te zijn’, zo begon het boek. De man leefde in een voor hem paradijselijke wereld waar de boosheid van de buitenwereld geen vat op had. Op een avond viel de eerste sneeuw van het jaar. De man pookte zijn kachel op en verheugde zich op de ochtend wanneer hij in alle vroegte kon genieten van de maagdelijke sneeuwlaag die alles bedekt zou hebben. Hoewel de opzichter niet zeer oud was, had het buitenleven hem een verweerde kop bezorgd die rust uitstraalde. Hij had tot voor kort een hond gehad, maar die was in de herfst dood gegaan van ouderdom. Hij miste het gezelschap van zijn trouwe kameraad, de manier waarop hij zijn snuit op zijn schoot kon leggen en dan een intense blik van verstandhouding kon uitwisselen. Hij zou in de lente weer een nieuwe hond nemen, maar deze winter zou hij alleen doorbrengen. Er was in de blokhut geen radio, geen televisie of telefoon. Er was wel een platenspeler op batterijen en de man hield ervan om op sommige avonden meeslepende zigeunermuziek te horen. Hij stelde er zich een leven bij voor wat zo anders was dan het zijne. Hij zag vrouwen voor zich die rond een vuur dansten terwijl de mannen opzwepend de violen lieten horen. Hij had ooit op een van die avonden met muziek, toen zijn hond naast hem kwam zitten en weer zeer begripvol keek, gezegd: ‘Misschien zijn jij en ik wel zigeunerzielen die in dit leven in alle rust onze zonden kunnen overdenken.’
Net voor hij zou gaan slapen leek hij het door de sneeuw gedempte geluid van een automotor te horen. Zijn hond zou moeiteloos geweten hebben of dat zo was en waar het vandaan kwam, maar de hond was dood en de opzichter keek vergeefs met een lantaarn in de richting van het pad, maar het licht werd in miljoenen ijskristallen van de vallende sneeuw weerkaatst. Er was inmiddels een flinke laag gevallen en de wind zorgde ervoor dat er hoge sneeuwduinen waren ontstaan. De opzichter deed de deur weer dicht en zou de volgende morgen poolshoogte gaan nemen. Maar eigenlijk was hij er van overtuigd dat hij zich vergist had. Hij legde zich te rusten en nam zich voor om een echt goede hond te nemen die het gemis aan de vorige kon wegnemen.
De volgende morgen ging hij bij het eerste licht in de morgen kijken naar de plek waar hij het geluid had gemeend te horen. Het kostte hem moeite om naar buiten te stappen, daar er tegen de deur een hoge sneeuwduin was ontstaan die hij eerst voorzichtig weg moest scheppen om te voorkomen dat de massa naar binnen zou vallen. Uiteindelijk kon hij naar buiten en zag dat er zeldzaam veel sneeuw gevallen was. Zijn normale werkzaamheden konden pas weer doorgang hebben als er minder sneeuw zou zijn en dat kon een tijd duren. Zeker nu de sneeuw zo uitzonderlijk vroeg gekomen was. In de lage ochtendzon baande hij zich een weg naar de plaats waar hij de avond ervoor iets gehoord meende te hebben. Toen het niet verstandig meer was om verder weg te gaan van de blokhut, hij had inmiddels een half uur moeizame strijd met de sneeuw geleverd met elke stap die hij zette, maakte hij zich op om terug te keren toen hij een klein stukje van een auto ontwaarde die volledig ingesneeuwd was.
Uiteindelijk lukte het hem om de sneeuw weg te scheppen en het portier te openen. Er zat een vrouw achter het stuur die niet meer bij kennis was. Hij vergewiste zich dat ze nog leefde en nam haar over zijn schouder om de moeizame tocht terug naar de blokhut te ondernemen. Toen hij haar veilig binnen had, ontkleedde hij haar en met een ruwe handdoek wreef hij haar lijf en leden om haar bloedsomloop weer op gang te krijgen en haar langzaam op te warmen. Tijdens deze werkzaamheden merkt de opzichter tot zijn verbazing dat het lichaam van de jonge vrouw hem niet onberoerd laat.
Als ze weer een een beetje op temperatuur is legt hij haar op zijn bed in de hoek van de blokhut en dekt haar toe terwijl hij langzaam de potkachel verder opstookt om de temperatuur langzaam te laten stijgen. Hij weet, dit moet niet te snel, omdat onderkoelingsverschijnselen met beleid bestreden moeten worden. Als hij met dit alles klaar is zit er weinig anders op dan te wachten tot ze weer bij kennis is. Hij gaat in een stoel zitten en kijkt naar haar gezicht en let op haar ademhaling.
Met haar donkere haar zou ze zo kunnen doorgaan voor een zigeunerin, bedenkt hij en hij is nieuwsgierig naar haar verhaal. Onderwijl gaan zijn gedachten naar zijn voorraden en bedenkt dat dit toereikend is voor enkele weken. In die tijd kon hij vast de gelegenheid vinden om naar beneden te gaan en nieuwe voorraden te regelen. Misschien dat een helikopter of een sneeuwmobiel dan ook zijn gast kon ophalen. Op dat moment slaat de vrouw haar ogen open en komt langzaam bij kennis.
Aleksander leest tot zover de eerste drie hoofdstukken die in zeer bloemrijke taal zijn opgeschreven en die hij kort zoals hierboven voor zichzelf samenvat. Birgitte ziet hem in de verte staren en vraagt: ‘En wat vind je er van? Heb je het al uit?’ ‘Nee, ik heb de eerste drie hoofdstukken net gelezen. Het is eigenlijk nogal langdradig allemaal. Man woont in blokhut, ver van de bewoonde wereld, trouwe hond net dood en dan aan het begin van de winter moet hij ineens zijn blokhutje delen met een mooi mokkel die de komende dagen, misschien wel weken, in dat ene vertrekje met hem opgesloten zit. Dat kan in een paar zinnen beschreven worden en nu wordt het met honderd pagina’s uitgesponnen in drie hoofdstukken.’ Birgitte ‘Schat ik zou het fijn vinden als je niet over een “mokkel” zou spreken, maar dat terzijde, want als je zo verhalen gaat samenvatten, dan kun je wel elk wereldboek in een paar zinnen verkrachten. Het gaat erom dat je helemaal meeleeft met die man die voor een eenzaam bestaan gekozen heeft, en dan ineens met een vrouw van vlees en bloed samen is. De sfeer in dat bos, de authenticiteit van die man die zo’n band met zijn hond heeft opgebouwd, daar verlang je als vrouw naar, naar zo’n oerman.’ Aleksander protesteerde luid en spreidde zijn armen wijd uiteen om zijn opmerking kracht bij te zetten. ‘Toen ik een hond wilde, afgelopen jaar, vond je dat alleen een vlooienbaal.’ Birgitte ging op de armleuning van zijn stoel zitten en woelde zijn haar met haar vingers door elkaar en zei: ‘Maar Krense Krugolg bepaalt zelf of hij een hond wil en laat zich niet door wat tegenwerpingen van een vrouw zijn beslissing veranderen.’ ‘Wie is Krense Krugolg?’ ‘Lieverd, dat is de hoofdpersoon van het boek waar je net in begonnen bent. Oh, het is zo prachtig dat je als lezer je al helemaal geïdentificeerd hebt met die man, nog voor hij zich bekend heeft gemaakt. Je hoort de geluiden in dat bos. Die drukkende aanwezigheid van al dat leven in dat bos dat probeert gebruik te maken van schaarse middelen om te overleven. De man tegen de barre omstandigheden, dat is de essentie van die oerman.’ Birgitte rilde zichtbaar van genot. Met afgrijzen in zijn stem zei Aleksander: ‘Laat me dit goed samenvatten: jij hebt gemis aan de oerman die een hond neemt en zich niet laat weerhouden door zijn “wijf”?’ Birgit keek verstoort op: ‘Jij neemt ook alles heel letterlijk op he?’ Alexander sprong op en zei op verongelijkte toon: ‘Dus je beweert opgewonden te raken van een oerman die zich niets aantrekt van wat zijn “wijf” er van vindt en gewoon zijn eigen gang gaat? Is dat het toppunt van “man” voor jou?’ Birgitte probeerde sussend te spreken: ‘Aleksander, doe nu rustig, ik vind je lief zoals je nu bent. Een vrouw mag toch haar fantasieën hebben? Fantasie is wat anders dan de werkelijkheid.’
Aleksander liep buiten in de gure wind. Hij moest buiten en alleen zijn. Als hij binnen was gebleven had hij in een onbeheersbare neiging iets stuk gegooid of het boek doormidden gescheurd. Het was onverdraaglijk. Zijn leven lang had in het teken gestaan van een feministische blik op het fenomeen ‘man’, zijn moeder had er alles aan proberen te doen om, zoals ze het had genoemd, ‘de vrouwelijke kant in hem boven te halen’ omdat als iedere man meer vrouwelijk was, de wereld een betere plaats zou zijn. En Birgitte, zijn huidige vriendin, was met eenzelfde soort virus behept. En daarom was het onuitstaanbaar dat ze fantasieën had over een oerman die helemaal niets aan vrouwelijke kanten in zichzelf aan het onderzoeken was. Misschien moest hij gewoon op een dag met een hond thuiskomen en er op staan dat ie bleef. Vlooien of geen vlooien. Er was nog een andere intuïtieve gedachte die bij hem opborrelde, maar dat was te vaag om er nog woorden voor te vinden. Er was iets eigenaardigs aan dat boekje. Maar wat? Het was deze intuïtieve vage ingeving die hem de komende maanden niet meer zou loslaten.
3
Het vervolg op ‘Blokhut bij Skjolden’ belandde na enkele maanden op het bureau van de uitgever. De bezorging ervan was met de nodige geheimzinnigheid gepaard gegaan, want de uitgever wilde niet dat fragmenten van het manuscript door indiscretie van een van de medewerkers bij een dagblad terecht zou komen voordat de zorgvuldig voor te bereiden publiciteitscampagne van start was gegaan. De uitgever, Jens Kremerson, had de bruine envelop opgehaald uit een postbusje in Oslo en was naar zijn kantoor gereden en zorgvuldig de deur afgesloten voor hij de disk uit de envelop haalde.
Nadat hij het document uitgeprint had ging hij op de comfortabele leren bank zitten en begon te lezen. Hij had alle afspraken afgezegd. Toen hij een uur of wat later klaar was met lezen riep Jens uit: ‘Bemba, bemba’, dat was zijn manier om zijn opwinding uit te drukken. Het betekende niets, maar het voelde lekker om te zeggen. Hij liep op en neer in zijn kantoor en was opgetogen. Voor de uitgave van ‘Blokhut bij Skjolden’ was zijn uitgeverij niet al te succesvol geweest. Een aantal slechte keuzes hadden zijn reputatie aangetast en dat had de enige succesvolle auteurs doen besluiten elders hun heil te zoeken. De komst en het succes van de ‘Blokhut’ waren de redding geweest en de opvolger van ‘Blokhut bij Skjolden’ zou bijna een gegarandeerd nieuw succes worden.
In opperbeste stemming ging Jens Kremerson op weg naar zijn stamkroeg om er eentje te nemen op de opvolger van ‘Blokhut bij Skjolden’. Eerst had hij het geprinte manuscript in de versnipperaar vernietigd en de disk zat nu veilig in zijn binnenzak om hem thuis in een safe te kunnen stoppen. Hij was zich niet bewust dat Aleksander Grundlagun hem van een afstandje volgde. Zoals zoveel zaken in het leven was de samenloop van omstandigheden stom toevallig dat Jens Kremerson zojuist de opvolger van ‘Blokhut bij Skjolden’ in handen had gekregen en dat Aleksander Grundlagun hem daar op straat tegenkwam en hem begon te volgen. Birgitte was een paar dagen de stad uit op bezoek bij haar moeder en Aleksander had een dagje vrij van zijn werk. Het was een van die dagen dat Aleksander had besloten wat tijd te besteden aan het dossier over de ‘Blokhut’. Hij had op de bonnefooi langs het kantoor van de uitgever willen gaan om zomaar eens een praatje te maken met wie hij dan ook tegen zou komen, misschien een secretaresse of een andere medewerker. Op de redactie van de krant waar hij werkte waren in de weken ervoor al diverse pogingen gedaan om achter de identiteit van de auteur van de ‘Blokhut’ te komen en geen van die pogingen had succes gehad. De krant, net als de andere media, besteedden er geen aandacht meer aan, maar Aleksander had zichzelf in de zaak vast gebeten en verzamelde nog steeds elk stukje informatie dat hij bij elkaar kon harken. Dit was een zuiver particuliere onderneming, want er waren anderen die zich op de krant bezig hielden met literaire zaken.
Juist op het moment dat Aleksander de straat over wilde steken om aan te bellen bij de uitgeverij, was Jens Kremerson naar buiten gekomen. Het was niet moeilijk om Jens Kremerson te herkennen. Door interviews in kranten en op tv was zijn gezicht zeer bekend, daarnaast was hij zeldzaam dik. Het werd in deze tijd van het jaar nog steeds vroeg donker, hoewel het elke dag al wat langer licht bleef. Het was dan ook al bijna geheel donker toen Kremerson zijn stamkroeg bereikte. Niet veel later stapte Aleksander naar binnen en nam op enige afstand plaats. Met zijn mobieltje maakte hij tersluiks enige foto’s van Kremerson toen deze de eerste slokjes van zijn drankje nam. Toen Kremerson een half uurtje later op weg naar huis ging en langs het tafeltje van Aleksander kwam stond deze op en vroeg gespeeld verbaasd: ‘Meneer Kremerson?’ Kremerson was er aan gewend dat hij herkend en aangesproken werd. Hij boog minzaam en zei: ‘Goedenavond jongeman.’ Hij wilde zijn weg al vervolgen toen Aleksander zich voorstelde met zijn voor en achternaam. Kremerson verstijfde zichtbaar, ook al herstelde hij zich binnen een paar seconden. Nog voor Aleksander verder iets kon zeggen gaf Kremerson hem een hand bij wijze van afscheid en probeerde zo luchtig mogelijk te zeggen: ‘Prettig kennis gemaakt te hebben meneer Aleksander Grundlagun, ik hoop dat u me wilt excuseren, ik heb nog enige zaken af te handelen. Goedenavond.’ En vervolgens was hij met stevige passen de zaak uitgebeend.
Aleksander was verbluft achtergebleven en overdacht de gebeurtenis van zojuist. Het was moeilijk onder woorden te brengen wat er nu precies gebeurd was, maar het was duidelijk dat de ontmoeting Kremerson uit zijn evenwicht hadden gebracht doordat Aleksander zich had voorgesteld. Aleksander maakte een paar aantekeningen waarin hij de gebeurtenis beschreef en het tijdstip waarop dit gebeurd was. Als hij al overwogen zou hebben om de zaak verder te laten rusten, had de ontmoeting met Kremerson hem terstond weer op andere gedachten gebracht. Maar hij overwoog helemaal niet om te stoppen met zijn onderzoek, integendeel, hij zou nu met nog meer energie proberen te achterhalen wat de achtergronden van ‘Blokhut bij Skjolden’ waren.
Toen hij thuisgekomen was en met gesloten ogen alles overdacht, kwam er een sterke gedachte naar boven dat Kremerson mogelijk van zijn stuk was gebracht omdat er een relatie was tussen hem en Kremerson die hij nu nog niet kon benoemen. Wat voor soort relatie kon dat zijn? Midden in de nacht werd hij wakker op de bank waarop hij in slaap was gevallen. Er was een beklemmende gedachte gerijpt in zijn slaap. Was Kremerson misschien zijn biologische vader? Had zijn moeder het met Kremerson gedaan en was dit dan de ‘zaaddonor’ die zijn moeder altijd voor hem verborgen had gehouden? Aleksander sprong op en ijsbeerde door de kamer terwijl de straten in Oslo stil en verlaten waren. Het zou een goede reden kunnen zijn waardoor Kremerson zo geschrokken was. Was dit dan de vage intuïtie die Aleksander bij het allereerste moment had gehad dat er iets aan de hand was met ‘Blokhut bij Skjolden’? Hoewel het midden in de nacht was belde hij zijn moeder. Voor dit soort zaken deed tijd niet ter zake. Als Kremerson zijn biologische vader was, dan had Aleksander het recht om dat per direct te weten. Het enige wat hij te horen kreeg was de boodschap dat zijn moeder nu de telefoon niet kon opnemen en dat er na de toon een boodschap kon worden opgenomen. Aleksander verbrak met een vloek de verbinding, maar belde meteen weer terug en sprak de boodschap in: ‘Het is hier met Aleksander, ik heb vandaag de uitgever Kremerson gesproken en ik ben met wat vragen blijven zitten waar ik graag met je over wilt spreken.’ Hierna bekeek hij de foto’s die hij heimelijk gemaakt had van Kremerson en nam alle details in zich op.
Vroeg in de morgen belde zijn moeder hem terug en hij merkte aan alles dat ze een beetje van slag was. Het vermoeden dat zijn intuïtie hem naar de waarheid over zijn afkomst had geleid werd sterker toen hij de aarzelende stem van zijn moeder hoorde. ‘Ik heb Kremerson gisteren gesproken en nu zit ik met wat vragen.’ Hoewel parlementslid Grundlagun zoals altijd een overvolle agenda had zegde ze meteen afspraken af en zat ze amper een uur later aan de keukentafel tegenover Aleksander. Ze keken elkaar een tijd lang zwijgend aan en toen vroeg Aleksander met een toon die beschuldigend klonk: ‘En hoe zit het met Kremerson? Is hij mijn vader?’ Zijn moeder keek verbluft naar hem en begon na een korte tijd hard te lachen. ‘Jongen, wat maakt dat je dat denkt?’ Ze lachte daarna nog een tijdje door en Aleksander voelde zich bozer en verwarder worden. ‘Jongen, ik kan je met mijn hand op mijn hart verzeker dat Kremerson niet je vader is. Ik wist niet dat je na al die tijd nog steeds met die ‘toestand’ bezig bent. Waarom is het nu zo belangrijk voor je om te weten wie je vader is?’
Aleksander sprong op van de keukenstoel en schreeuwde: ‘Waarom denk jij dat jij voor mij kan bepalen of het er al of niet toe doet wie mijn vader is. Ja, het is belangrijk voor mij. Verdomme, als parlementslid zet je je in voor allerlei onnozele dingen en zogenaamd onrecht. Maar je maakt je alleen maar druk over onrecht als je er mee kunt scoren. Ik weet zeker dat als er een of andere vrouw was die van haar vader niet te horen zou krijgen wie haar moeder was dat je dan bovenop de barricade zou staan om de man te dwingen aan zijn dochter te vertellen wie haar moeder was.’ Zijn moeder keek nadenkend: ‘Maar dat is toch ook anders, ik bedoel, een baby groeit in de buik van de moeder, is een onderdeel van die moeder. Een biologische vader schiet als hij klaarkomt een zooi zaad naar binnen en een van die duizenden zaadjes komt dan bij de eicel en dan zit het er voor hem op. Een vrouw heeft nu eenmaal een andere band met haar kind dan de man.’ Aleksander schreeuwde: ‘Verdomme verdomme verdomme, hou nou eens op om zo belerend te doen tegen me. Natuurlijk weet ik wel hoe het zit met de bijtjes en de bloemetjes. Maar ik heb als kind recht om te weten wie mijn vader is en dan zelf een afweging te maken wat ik met die kennis wil doen.’ Zijn moeder stond op en probeerde hem te omarmen. Hij sloeg wild haar armen weg en zei: ‘Je hoeft me niet te sussen alsof ik een kleuter ben. Ik ben inmiddels een volwassene van in de twintig. En kun je me vertellen waarom Kremerson schrok toen ik mezelf aan hem voorstelde?’ ‘Jongen, ik kan toch niet weten wat er op dat moment door hem heenging, ik kan je alleen verzekeren dat het niet was omdat hij jouw vader is.’
Kort hierna was Greta Grundlagun weer weggegaan om nog aanwezig te kunnen zijn bij het bezoek van enkele buitenlandse parlementariërs die een bezoek brachten aan de Storting, het Noorse parlement. Ze liet Aleksander in verwarring achter. Het slaapgebrek van de afgelopen nacht maakte hem labiel en hij wist dat het enige tijd en een goede nachtrust zou duren om weer een beetje helder te kunnen nadenken. Waarom verdomde zijn moeder het om te vertellen wie zijn vader was? Kon hij haar op haar woord geloven dat Kremerson dat niet was?’ Hij ging naar zijn werk en wist dat het niet zo’n productieve dag zou worden.
4
De opvolger van de ‘Blokhut’ kwam enkele weken later uit en had de titel ‘Zomer in Skjolden.’ Birgitte kwam er opgetogen mee thuis en overhandigde het aan Aleksander. ‘Ik heb het gelezen en ik moet zeggen dat het voor mij een wonderlijke openbaring is. Ik ben normaal niet zo onder de indruk van vervolgboeken en vervolgfilms omdat het meestal maar slappe aftreksels zijn van het eerste origineel, maar dat is bij deze niet het geval. Ik weet ook zeker dat het een hit zal worden.’ Hoewel Aleksander deed alsof het hem niet zo interesseerde begon hij met lezen zodra hij alleen was.
In het eerste boek was de toenadering tussen de opzichter en de vrouw uitgewerkt met vele sappige gedeeltes die als pornografisch aangeduid konden worden vanwege de explicite beschrijvingen. In het tweede boek werd het verhaal verteld wat er in de maanden daarna gebeurde. De vrouw was teruggegaan naar haar echtgenoot na haar avontuur in de blokhut. De opzichter had een nieuwe hond genomen en zwierf vaak met vage gevoelens van gemis door de bossen. Af en toe draaide hij weer zijn zigeunermuziek en moest daarbij niet langer meer denken aan zigeunerinnen maar aan Jolene. Toen hij op een zomeravond terugkeerde na een lange trektocht die meerdere dagen had geduurd zag hij Jolene voor de blokhut zitten. Ze rende op hem af zodra ze hem zag en omhelsde hem. ‘Maar je man dan?’ Ze had hem met een kus tot zwijgen gebracht. Ze had met haar man alles besproken en ze had de beslissing genomen om ook af en toe in de blokhut te zijn. Weg van een leven als universitair docent, zich overgevend aan de liefde. Het maakte haar leven draaglijk, niet omdat haar man een slecht mens was of dat ze een slecht huwelijk had, maar omdat haar liefde die ze met de opzichter beleefde haar leven compleet maakte.
Birgitte zag dat hij het gelezen had en vroeg: ‘En, ben je het met me eens dat dit een zeer goede opvolger is? Het is zo krachtig dat die vrouw doet wat haar hart haar ingeeft en op zo’n pure manier haar leven met haar man blijft leven en tegelijkertijd zo intens weet te genieten van haar minnaar. En de seksscènes zijn van een ongekende gedurfde rauwheid, dat is gewoonweg ongeëvenaard.’
Aleksander haalde zijn schouders op. Hij had even willen tegenwerpen dat het meten met twee maten was. Als het een man betrof die zijn vrouw af en toe verliet om te gaan seksen met een hunkerende vrouw in de bossen, dan was het een hypocriet geweest, een bedrieger die het oude liedje van ontrouw speelde. Nu was het een vrouw en was het een meesterwerk in de ogen van de feministen. Hij wist waar een discussie hierover met Birgitte heen zou leiden en zweeg. ‘Oh Aleks, ik heb je moeder en Jan uitgenodigd voor een etentje hier bij ons thuis komende zaterdag. Ik ben zo benieuwd wat zij er van vindt.’ Aleksander knikte afwezig. Tegen etentjes met Jan Skiljaard en zijn moeder keek hij op zijn zachtst gezegd wat ambivalent aan. Gewoonlijk waren zijn moeder en Birgitte zeer geanimeerd in gesprek over allerhande vrouwenzaken en Jan beperkte zich tot instemmend geknik als Greta even naar hem keek. Tussen Jan en hem kwam het nooit tot een geanimeerd gesprek en het beste wat Aleksander wist te doen tijdens dergelijke etentjes was het gewoon uitzitten en geen opmerkingen maken die in zijn ogen onschuldig waren, maar op de feministische dames een brisante uitwerking konden hebben.
Het etentje begon precies zoals hij zich voorgesteld had. Birgitte en Greta vielen elkaar in de armen bij de binnenkomst en Jan schudde op een gemaakt amicale manier de hand van Aleksander waarbij zijn andere hand de arm beetpakte die hij al schudde. ‘Had hij dit afgekeken van buitenlandse staatslieden die elkaar ontmoeten?’ Voor de buitenwereld zag het er intens vriendschappelijk uit, maar het was niet meer dan een pose die het goed deed voor de cameraploegen die er bij opgetrommeld waren, bedacht Aleksander en ging naar de keuken om verdere voorbereidingen te treffen voor de maaltijd. Jan volgde hem, in tegenstelling tot de voorgaande keren. Aleksander legde zich er bij neer dat hij niet even enkele momenten voor zichzelf kon hebben en bood Jan wat te drinken aan. Met het glas in de hand stond Jan tegen de ijskast geleund en volgde de handelingen van Aleksander.
‘Je moeder heeft me laatste gezegd dat je erg bezig bent met je vader’, begon Jan het gesprek. Aleksander hield zich even in en zei toen terwijl hij de salade door elkaar mengde: ‘Ik heb het daar inderdaad met mijn moeder over gehad. Maar ik wil het er nu niet over hebben.’ Inderdaad, Jan Triljaard was de laatste met wie hij het daar over wilde hebben. Hij moest al moeite genoeg doen alsof hij geen vijandige gevoelens koesterde tegen Jan. Laat staan dat hij een onderwerp hem wilde bespreken waarbij hij zich heel kwetsbaar voelde. ‘Kerel, ik wil alleen maar tegen je zeggen dat ik je heel goed begrijp. Ik kan verder niet veel doen, omdat wat dit betreft je moeder echt een eigen wil heeft, maar ik zal het er toch nog een keer met haar over hebben.’ Aleksander draaide zich naar Jan toe en hoewel hij in zich voelde opborrelen dat hij wilde zeggen: ‘Rot toch op met je goede woordje’, zei hij zo neutraal mogelijk: ‘Heus Jan, dat is niet nodig, ik heb me er al bij neergelegd dat de zaken staan zoals ze staan. Maak het maar niet zwaarder dan het is.’ Jan knikte begrijpend zoals een psychiater kan knikken als hij een patiënt met bizarre waandenkbeelden aanhoort en deed een stap naar Aleksander en gaf hem een bemoedigende klap op zijn schouder. Het was een intimiteit waar Aleksander zich opgelaten bij voelde. Op dat moment kwamen Birgitte en Greta giechelend de keuken in. ‘Ah, ik zie hier twee stoere mannen staan die aan male bounding doen. Het blijven toch kerels he? Ze kunnen het niet nalaten om mannenzaken met elkaar te bespreken.’ Birgitte zei het lacherig tegen Greta die op Jan afliep en hem knuffelde tot afgrijzen van Aleksander die besluiteloos met de slakom in zijn handen bleef staan.
Birgitte zag zijn houding en begreep dat Aleksander slecht tegen het in zijn ogen ‘kleffe gedoe’ van zijn moeder kon. Ze hielp hem door te zeggen: ‘Ok mensen, we gaan aan tafel. Ik had gedacht dat de vrouwen tegenover elkaar zouden zitten.’ Greta liet zich door Jan naar de tafel geleiden en aanvaarde met een gracieus knikje de stoel die hij voor haar gereed hield. ‘Ah, de hoofse liefde is weer terug. Ik vind het zo romantisch als we weer zulke voorkomendheid ten toon spreiden.’ Birgitte lachte terwijl ze het zei. Jan haastte zich naar de andere kant van de tafel om ook voor Birgitte de stoel gereed te houden. Ook Birgitte gaf ook een hoofs knikje. Greta keek vol adoratie naar Jan. Aleksander draaide zich om en deed een gebaar of hij zijn vingers in zijn keel stak om braken op te wekken, zonder dat iemand het kon zien. Even later diende hij met een glimlach het voorgerecht op.
Greta boog zich later naar Jan en vroeg: ‘Zullen we het hen vertellen lieverd? Wil jij het vertellen?’ Jan depte met een servet zijn mond en zei: ‘Zeker duifje, ik zal het grote nieuws vertellen. Beste Birgitte, beste Aleksander, Greta en ik hebben een gezamenlijk huisje gekocht en we gaan part-time met elkaar samenleven.’ Aleksander voelde hoe zijn mond open stond van verbazing en sloot hem weer snel. Birgitte klapte in haar handen op een meisjesachtige manier. ‘Oh, fantastisch, fantastisch. En waar is dat huisje? Ik ben zo benieuwd om het een keer te zien. Oh, maar het is geweldig nieuws dat jullie deze stap zetten.’ Jan wuifde naar haar en sprak snel: ‘Dit nieuws moet wel gewoon onder ons blijven. Greta is een publiek figuur en we willen daar wel echte privacy hebben. En het nieuws dat wij samen een huisje hebben zou de aandacht van het publiek alleen maar afleiden van de politieke boodschap die Greta heeft voor de samenleving.’ Jan knikte beurtelings van Birgitte naar Aleksander om het belang van deze mededeling te onderstrepen. Aleksander moest moeite doen om niet te lachen bij de opmerkingen van Jan over de ‘politieke boodschap voor de samenleving’ van zijn moeder. ‘Wat je bedoelt is dat de feministische achterban anders van streek zou raken’, dacht hij, maar hij zei: ‘Tuurlijk, wij zwijgen, van ons geen woord.’ Birgitte vulde aan: ‘vanzelfsprekend, maar vertel, waar staat dat liefdesnest van jullie?’ Greta boog naar voren en giechelde: ‘In de heuvels bij Skjolden.’ ‘Oh, spannend, spannend.’ Birgitte boog voorover en lachte samenzweerderig naar Greta. ‘Jullie eigen blokhut bij Skjolden.’
5
Toen ze een paar weken later bij het huisje van Greta en Jan aan kwamen rijden, was Birgitte opgetogen. Vanuit het huisje en op het terras voor het huis had je een wijds uitzicht over het dal, achter het huis begon het bos. Jan en Greta kwamen gearmd naar buiten om hen te verwelkomen. ‘Fantastisch, fantastisch, dit is echt een droomplek.’ Birgitte liep op Jan en Greta af en sloeg om beiden een arm. Aleksander beperkte zich even later tot een vluchtige kus op de wang van zijn moeder en een hand aan Jan die zoals gebruikelijk met zijn andere hand de arm van Aleksander beet hield onder het schudden.
Inmiddels liepen Greta en Birgitte naar de auto om samen de logeerspullen te halen die ze al pratend naar binnen brachten. Jan sloeg zijn arm om Aleksander en troonde hem mee naar de achterkant van het huisje om het schuurtje met de sneeuwscooter te laten zien. Terwijl Jan in de late zon een mug doodsloeg in zijn nek zei hij: ‘We moeten natuurlijk wel wachten op wat sneeuw, maar we verheugen ons al de ritjes die we er samen mee gaan maken.’ Aleksander knikte. Zijn moeder had nu ook al haar milieustandpunt aan de wilgen gehangen. Aleksander stond er niet meer echt van te kijken, maar herinnerde zich wel dat hij een keer de televisie had moeten uitzetten toen hij nog bij haar woonde omdat hij aan het kijken was naar een race met sneeuwmobielen. ‘Stinkende milieuvervuilers zijn het die stinkende uitlaatgassen in de ongerepte natuur spuiten zonder dat het enige noodzaak heeft.’
De volgende dag gingen Jan en zijn moeder met Birgitte een eindje wandelen en bleef Aleksander bij het huis om rustig wat te lezen. Toen ze al een tijdje weg waren liep Aleksander wat door het huis om met tegenzin te constateren dat het een knus en leuk huisje was. Ineens werd zijn blik getrokken door een brief die onder andere paperassen op een bureautje lag. De brief stak er met een punt uit en het logo van de uitgeverij van Jens Kremerson was zichtbaar. Aleksander keek om zich heen en nam de brief in zijn handen. Het was een schrijven van Kremerson aan A. Mannel, het pseudoniem waaronder ‘Blokhut bij Skjolden’ en ‘Zomer in Skjolden’ gepubliceerd waren. In vriendelijke bewoordingen werd gesproken over de verkoopcijfers en het honorarium. Aleksander voelde hoe het bloed uit zijn gezicht wegtrok en hij legde snel de brief weg op dezelfde plek waar hij hem aangetroffen had. Hoe kwam die brief in het huisje bij zijn moeder en Jan Skiljaard? Ineens trok hij de conclusie dat Skiljaard de auteur moest zijn van de broeierige werkjes en ineens begonnen er onbegrepen voorvallen op hun plaats te vallen. De manier waarop zijn moeder maanden geleden de verkoop van het boekje had gestimuleerd door er schaamteloos reclame voor te maken op de televisie. De schrik van Kremerson toen hij hoorde dat Aleksanders achternaam Grundlagun was. Kremerson was er vast van op de hoogte dat Triljaard en zijn moeder met elkaar samenleefden. Het paste allemaal bij elkaar. Aleksander dacht met nog meer walging terug aan dat televisieoptreden van zijn moeder. Ze had het publieke podium wat ze had als gedreven politica schaamteloos misbruikt voor persoonlijk gewin door sluikreclame te bedrijven. Wat zou de feministische achterban er van denken als ze wisten dat hun heldin met een pornograaf samenleefde? De journalist in Aleksander schreeuwde dat dit nieuws naar buiten moest. Aleksander de zoon van zijn moeder besefte dat hij dit nooit kon doen omdat hij dan iedereen van zich zou vervreemden, inclusief Birgitte. Dat was een te hoge prijs voor de ontmaskering van een pornograaf en zijn handlangster.
De zondagmiddag gebruikten ze nog met zijn vieren de maaltijd voor iedereen de thuisreis naar Oslo zou ondernemen. Aleksander had niets verteld over zijn ontdekking van de brief van de uitgever. Aan tafel zei hij, zonder dat hij het van tevoren goed had overdacht: ‘Ma, ik heb nog eens nagedacht over dat televisieoptreden van je, je had het toen over een heropening van het debat over pornografie nadat je uit dat pornoblad had voorgelezen.’ Zijn moeder keek hem enige tijd doordringend aan en vroeg toen: ‘Ja, wat is er met dat debat?’ ‘Nou’, vervolgde Aleksander, ‘ik heb er weinig anders van gemerkt dan dat dat pornoblaadje in enorme hoeveelheden is verkocht. Iedereen heeft zich schaamteloos zitten verlustigen en van een echt debat is geen sprake geweest. Of heb ik wat gemist? Of is met jouw woord op de televisie de beslissing genomen dat het allemaal anders moest?’ Birgitte wuifde naar Aleksander: ‘Ga jij eens gauw stoppen plaaggeest.’ Aleksander maakte een gebaar van overgave en daarna zweeg iedereen. Jan Triljaard keek nadenkend naar een punt in de verte en Aleksander meende tevreden te mogen constateren dat hij een beetje uit zijn evenwicht gebracht leek.
Birgitte stuurde de wagen richting Oslo. Ze keek opzij naar Aleksander: ‘Waarom was dat nou? Waarom moest je nou dat onderwerp ter sprake brengen? We worden gewoon heel gastvrij ontvangen in dat nieuwe stulpje van je ouders en dan ga je op het laatst zo horkerig doen.’ Aleksander trok een grimas: ‘Ik zou het erg op prijs stellen als je niet zo spreken over ‘mijn ouders’, voor zover ik weet zijn ouders de mensen die je op de wereld hebben gezet. En Jan Triljaard is voor zover ik weet niet betrokken geweest bij mijn conceptie. En het is toch een heel normale vraag. Mijn moeder heeft voor de televisie een oproep gedaan voor een heropening van het debat over de pornografie, en ik vraag gewoon hoe het met dat debat staat.’ Hij keek opzij naar het glooiende landschap waar een lage zon lange schaduwen wierp over de velden van de bomen en de grazende koeien. Birgitte keek strak voor zich uit en klemde het stuur in haar handen. ‘Aleksander, je bent onuitstaanbaar als je zo doet. Je weet net zo goed als ik dat je het niet op een normale manier vroeg. Je wilde alleen maar bruuskeren. Ik vraag me echt af wat daar de bedoeling van was.’ Aleksander zweeg. Hij broedde op een plan. Het was onuitstaanbaar dat hij steeds in de hoek gezet werd als hij eens iets zei, anderen kwamen met hun hypocrisie overal mee weg. Jan Triljaard moest hangen, zo besloot hij. Het was alleen zaak om zelf buiten schot te blijven. Maar hoe?
Midden in de nacht werd hij wakker met een idee. Hij zou zorgen dat Triljaard en Kremerson elkaar ergens zouden treffen. En van die ontmoeting zou een van de collega’s een tip moeten krijgen. Het moest toch mogelijk zijn om een briefje naar Triljaard te sturen alsof het afkomstig was van Kremerson. En Kremerson kon een briefje krijgen alsof het van Triljaard afkomstig was. Zaak was dat een collega die een beetje onderzoekszin had, een tip moest krijgen. Helaas was het zo dat de meeste collega’s niet meer de journalisten waren die het vak ooit eens een goed aanzien hadden gegeven. Luie overschrijvers van perscommuniqué’s waren het allemaal geworden. Niemand stak meer zijn nek uit en iedereen was aartslui geworden. Behalve misschien Anita Bork, ze was jong en erg ambitieus, zij maakte deel uit van de literaire redactie en zij zou misschien een beetje doorbijten in het onderwerp. Aleksander luisterde naar de rustige ademhaling van Birgitte en probeerde weer in slaap te vallen. Dat lukt maar deels. Half slapend, half wakend zag hij keer op keer weer beelden voor zich hoe Triljaard en Kremerson elkaar ergens ontmoetten en dat ze dan betrapt werden door Anita Bork.
6
Het duurde uiteindelijk nog een week voordat Aleksander had uitgedokterd hoe hij een geloofwaardig kattebelletje naar Triljaard kon zenden. Met plak en knipwerk van logo’s met behulp van Internet en printer had hij uiteindelijk een briefje in elkaar geknutseld wat geloofwaardig genoeg was. Kremerson nodigde Triljaard uit voor een korte bespreking van een zaak met hoge prioriteit. Ontmoetingsplaats: de kroeg die Kremerson trachtte te frequenteren. Om te voorkomen dat ze elkaar zouden bellen had Aleksander toegevoegd dat het een zaak was die niet per telefoon kon worden besproken. Tevreden bekeek hij het resultaat en stopte dit snel weg toen Birgitte thuis kwam van haar werk en haar hoofd om de deur stak van zijn werkkamer om hem te begroeten. ‘Wat is er met je? Voel je je wel lekker? Je ziet er helemaal verhit uit.’ Aleksander verzekerde Birgitte dat alles in orde met hem was.
Uiteindelijk was de dag aangebroken dat Kremerson en Triljaard elkaar mogelijk zouden ontmoeten in de kroeg aan de Solligata. Anita Bork had een anonieme tip gekregen dat Kremerson op het genoemde uur de auteur zou ontmoeten van ‘Blokhut bij Skjolden’. Als iedereen precies dat zou doen wat er van hen verwacht werd, zou dit de ontmaskering kunnen worden van Triljaard als pornograaf. Aleksander nam ruim tevoren bezit van een tafeltje aan het raam van een kroeg aan de overkant van de straat om te kunnen volgen wat er zou gebeuren.
Het uur van de ontknoping, zoals Aleksander het noemde, naderde en hij bracht zijn fototoestel in stelling. Het kon nooit kwaad om er wat beeldmateriaal van te hebben. Hij werd met de minuut zenuwachtiger. Hij begon te twijfelen aan de opzet van dit hele plan. Misschien had geen van de drie hoofdrolspelers die het werk moesten doen de briefjes serieus genomen en zat hij hier voor joker. Maar precies op de tijd dat het de bedoeling was arriveerden kort na elkaar eerst Anita Bork, daarna Kremerson en als laatste Triljaard. Aleksander fotografeerde iedereen voor binnenkomst en was zenuwachtig. Het was volkomen onvoorspelbaar wat er binnen zou gebeuren en het was uitgesloten dat hij zelf poolshoogte zou gaan nemen. Het enige wat er op zat was af te wachten.
Het duurde eindeloos voor hij Triljaard en Kremerson weer naar buiten zag komen. Ze stonden nog kort met elkaar te praten op de stoep en gingen toen ieder een andere kant op. Aleksander registreerde met de camera hoe Kremerson druk gebarend met Jan Triljaard in gesprek was. Pas na tien minuten kwam Anita Bork weer naar buiten. Aleksander moest zich bedwingen om niet naar buiten te rennen en haar te vragen hoe het was gegaan. Aleksander keek op zijn horloge en zag tot zijn verbazing dat de hele ontmoeting niet langer dan een kwartier had geduurd.
Aleksander verzekerde zich ervan dat hij ongezien zijn waarnemingspost waar hij zat, kon verlaten en ging naar huis. Hij probeerde zo rustig mogelijk te lopen en elke onrust uit zijn geest te bannen. Birgitte was erg sensitief en zou meteen merken als hij anders was dan anders. Het lukte hem om een vluchtige zoen aan Birgitte te geven en op zijn gebruikelijke manier de keuken in te slippen om de maaltijd te bereiden zonder dat er vragen kwamen van de kant van Birgitte. Het had er mede mee te maken dat Birgitte verdiept was in een rapport van haar werk. Ze zat aan tafel nog steeds te lezen en Aleksander maakte er geen opmerking over hoewel hij wel bedacht dat als het andersom zou zijn hij zeker een opmerking van Birgitte zou krijgen omdat ‘men aan tafel met de maaltijd bezig moest zijn’.
De volgende dag kwam Anita Bork naar hem toe en ging op de rand van zijn bureau zitten. Aleksander deed alsof hij druk bezig bleef en maar half wist dat Anita daar zat. ‘Ken jij een zekere Jan Triljaard’, vroeg Anita. ‘Hoezo?’ Aleksander voelde hoe hij een rood hoofd kreeg en het weinig zin zou hebben om het te ontkennen. Anita bestudeerde zijn gezicht en drong aan: ‘Ik wil het graag weten.’ Aleksander rolde zijn bureaustoel wat naar achteren en keek omhoog. ‘Ik ken een zekere Jan Triljaard, maar ik wil graag weten waarom je het wil weten.’ Anita knikte. ‘Heeft Jan Triljaard iets met je moeder?’
Aleksander was verrast over de vraag. ‘Luister Anita, wie wat met mijn moeder heeft of wie niet, is voor mij een privézaak. Ik weet wel dat mijn moeder een bekende persoonlijkheid is, maar ik weet dingen vanuit een privésituatie die ik als journalist niet kan gebruiken. Ik kan misschien sappige dingen vertellen over mijn moeder, maar dat zou niet erg kies zijn. Vind je niet?’ Anita bungelde haar voeten heen en weer en hield haar handen om het randje van zijn bureau. ‘Je kunt mij over dergelijke dingen niet als bron gebruiken.’ Anita knikte: ‘Ik begrijp het. Maar ik ben iets aan het onderzoeken en ik wil een kleine clou hebben om mijn onderzoek in een bepaalde richting voort te zetten.’ Aleksander knikte begrijpend: ‘Ik begrijp waar je mee zit, maar ga niets méér zeggen dan wat ik nu heb gezegd en ik hoop dat je er genoeg aan hebt om je onderzoek voort te zetten.’ ‘Je antwoord was veelzeggend, dank je.’ Anita sprong gracieus van zijn bureaublad. Aleksander keek hoe ze heupwiegend wegliep. Het geheime plan leek te werken en het was afwachten wat er uit zou komen.
Het duurde nog ruim een maand voor Anita een stuk mocht publiceren van de hoofdredacteur. Hoewel ze zich als een terriër in de zaak had vastgebeten, ontbrak nog het harde bewijs van een mogelijke directe betrokkenheid van Jan Triljaard met ‘Blokhut bij Skjolden’. Wel was boven tafel gekomen dat Triljaard een huisje had, samen met parlementslid Greta Grundlagun en dat de feministische voorvrouw deels samenwoonde met Triljaard. Ook was er contact geweest tussen Kremerson, de uitgever met Jan Triljaard en Anita had met eigen oren gehoord dat ze het kort gehad hadden over ‘Blokhut bij Skjolden’. Dit waren allemaal sterke aanwijzingen, maar het was te weinig om definitief uitspraken te kunnen of Jan Triljaard werkelijk de auteur was van het werkje. Het was een saillante gebeurtenis geweest dat Greta Grundlagun op de televisie uit het werkje had voorgelezen.
Anita schaafde en schaafde aan haar stuk voordat de hoofdredacteur het voor plaatsing geschikt vond. Aftenpost wilde geen claim aan de broek en het stukje ging eerst nog naar de jurist voor het de dag erna definitief op pagina drie verscheen. Er stonden foto’s bij die genomen waren met een telelens waarbij Greta Grundlagun en Jan Skiljaard hand in huis bij hun huis liepen. Dat was op zich al nieuwswaardig genoeg, maar de suggestie dat Skiljaard mogelijk de auteur was van ‘Blokhut’ sloeg in als een bom en diezelfde avond werd er al druk over gedelibereerd in de diverse shows.
Birgitte riep Aleksander toen ze het nieuws en de speculaties op de televisie zag. ‘Dit is verschrikkelijk’, riep ze uit en commandeerde naar Aleksander: ‘Bel je moeder op, dit is heel vervelend voor haar, dat al deze roddel en achterklap zo breed uitgemeten wordt. In wat voor land leven we? En dat is jouw krant die er mee begonnen is.’ Om verdere achterdocht te voorkomen belde Aleksander meteen zijn moeder. Het vaste nummer was constant in gesprek en op het mobiele nummer kreeg hij alleen de voicemail. ‘Hoi ma, Birgitte en ik zitten hier naar de tv te kijken en we vragen ons af hoe het met jullie gaat nu alles zo in de openbaarheid is.’ Birgitte riep naar hem: ‘Zeg dat we eventueel naar ze toe willen komen om ze bij te staan.’ Aleksander herhaalde braaf naar de voicemail: ‘Birgitte en ik willen eventueel naar jullie toekomen om jullie bij te staan.’
Nadat hij de telefoon had neergelegd bleef hij bij Birgitte zitten en probeerde zo neutraal mogelijk te kijken. Hij wilde niet te nadrukkelijk doen alsof hij erg verontwaardigd was terwijl hij het liefst een rondedansje zou maken. Birgitte zou meteen merken dat het allemaal niet klopte en achterdochtig worden. ‘Wat vind je hier nou van, dat geneus in het privéleven van je moeder. Wat denken ze daar wel niet bij de Aftenpost? Zou je er niet beter aan doen om daar meteen ontslag te nemen en voor een andere krant te gaan werken?’ Aleksander wierp tegen dat dit nieuws door elke krant opgepikt had kunnen worden. Dan kon je na elk bericht wat je niet beviel van baan gaan wisselen. ‘En mijn moeder die heeft al zo lang in de schijnwerpers gestaan, die weet ook wel dat dit weer overwaait.’ ‘Ik snap niet dat je er zo onderkoeld bij kan blijven. Het is wel je moeder hoor.’
7
De volgende dag verliep stormachtig. Radio, televisie en kranten stonden bol van het nieuws. Ook de Aftenpost pakte het vervolg breed uit. Men vroeg zich af wanneer Greta Grundlagun commentaar zou leveren bij het nieuws. Er waren cameraploegen rond het huisje in Skjolden en ook het appartement van Greta werd belegerd. Maar niemand zag die dag een glimp van Greta of Jan Skiljaard.
Op alle redacties was men, bij gebrek aan ander nieuws, bezig om de zaak in volle sterkte verder te onderzoeken en werd het doopceel van Greta Grundlagun en Jan Skiljaard onder de loep genomen. En ineens was daar het bericht dat Greta jaren geleden een affaire zou hebben gehad met een politieke opponent die ze in het parlement te vuur en te zwaard bestreden had. Sveinung Svebestad werd daarop belaagd door de pers. Hij was inmiddels al jaren teruggetreden en sleet zijn dagen met tuinieren en lezen in zijn huisje in Lillehammer. Toen de oude man geconfronteerd werd met microfoons die hij onder zijn neus geschoven kreeg tijdens het boodschappen doen, liet hij uit zijn mond vallen dat het gerucht over een affaire tussen hem en Greta Grundlagun op waarheid berusten. Hij had het willen verzwijgen, maar was niet bestand tegen de suggestieve vraagstelling van de reporters.
Het opmerkelijke aan de relatie destijds tussen Sveinung en Greta was dat Greta op dat moment een radicaal feministe was en dat Sveinung juist bekend stond als een ultra rechtse rakker die met zijn smalende opmerkingen over het feminisme Greta en haar club keer op keer tot razernij hadden gebracht. Het leek bijna ondenkbaar dat deze twee het bed zouden hebben gedeeld.
Greta Grundlagun en Jan Skiljaard waren drie dagen van de aardbodem verdwenen. Ook Birgitte en Aleksander kregen geen contact, hoewel ze het keer op keer probeerden. Aleksander verkneukelde zich al lang niet meer over het nieuws over Jan en Greta. In plaats daarvan maakte hij zich oprecht zorgen over het welbevinden van zijn moeder.
Op de avond van de derde dag liep Greta Grundlagun door de regen van de auto naar de studio waar de nachtshow onder leiding van Hans Joachson en Kay Mannel opgenomen zou worden. Ze voelde zich minder op haar gemak dan ooit tevoren in een televisiestudio, maar ze was vastberaden over wat ze ging doen en zeggen.
Birgitte en Aleksander lagen op bed televisie te kijken om de nachtshow te zien. Hoewel ze niet wisten dat Greta zelf in het programma zou verschijnen, waren ze beiden om verschillende redenen zeer nieuwsgierig naar wat de nachtshow zou brengen over de gebeurtenissen. Aleksander had op sommige momenten in de afgelopen dag overwogen of hij zou bekennen aan Birgitte dat hij er op z’n minst een aandeel had in de hele zaak maar dat hij ook niet kon weten dat het zo’n dramatische wending had genomen. Steeds weer had hij zijn neiging weten te onderdrukken en was oprecht blij om zijn moeder, op het eerste oog gezond en wel, bij Hans Joachson en Kay Mannel aan tafel te zien.
In de inleiding werd uitgelegd dat de kostenoverschrijding bij de rondweg op een later tijdstip zou worden behandeld. De show was nu geheel gewijd aan Greta Grundlagun en zijzelf zou de enige gast zijn. ‘Mevrouw Grundlagun, er is de laatste dagen veel beroering ontstaan over uw privéleven, het is ons een genoegen dat we u hier aan tafel zelf aan het woord mogen laten over al de berichten die er over u verschijnen. Mag ik als eerste vragen hoe u zich voelt?’ Greta schraapte haar keel: ‘Dank je Kay, het gaat goed met me, dank je wel dat ik in de show van vanavond mag zijn. Ik wil beginnen met de mededeling dat ik morgen terugtreedt als parlementslid. Door de berichtgeving over zaken in mijn privéleven ben ik in mijn werk als parlementariër niet langer meer in staat om voor de zaken op te komen waar ik me hard voor maak.’
Er viel even een stilte toen Greta deze mededeling had gedaan. Joachson merkte op dat haar opmerking over ‘de berichtgeving’ er op kon wijzen dat ze zich van de inhoud van de berichtgeving distantieerde. ‘De vraag die bij iedereen leeft is of dat wat er gezegd waar of onwaar is.’ Greta hervond haar evenwicht en antwoordde: ‘De feiten zoals ze bekend zijn geworden zijn deels waar en deels onwaar. Maar er is meer en dat wil ik graag nu uitleggen. Toen ik voor het eerst als jonge parlementariër de Storting betrad, nu inmiddels vijfentwintig jaar geleden, ontmoette ik die eerste dag Sveinung Svebestad. Het was liefde op het eerste gezicht en we kregen vrijwel meteen een kortstondige affaire. Sveinung en ik wisten meteen al dat onze liefde onmogelijk was. We verschilden over alles wat we maar konden bedenken van mening. En het was ook ondenkbaar voor iedereen in onze omgeving dat we iets met elkaar zouden hebben. Het zou bij elke van onze achterbannen als verraad gezien worden. We hebben een eind aan onze relatie gemaakt. Er is weinig meer over te vertellen, maar ik kan me goed voorstellen dat dit op zich alleen al reden zou zijn voor mijn terugtreden.’
Kay Mannel onderbrak haar: ‘Als dit het deel is wat waar is en u heeft het net over dat een deel van de berichtgeving onwaar is, welk deel is dan onwaar? Is uw partner Jan Skiljaard niet de auteur van ‘Blokhut bij Skjolden’? Of is hij uw partner niet? Dat laatste lijkt moeilijk te ontkennen vanwege de foto’s die er van u beiden zijn bij uw huis in Skjolden.’ Greta wierp hem een scherpe blik toe waardoor hij zweeg. ‘Nee, ik ga niet ontkennen dat Jan en ik samen een huis in Skjolden hebben. Ik ben nu al enige tijd samen met Jan en ik hou van hem. Wat onwaar is in de berichtgeving is dat hij de auteur is van ‘Blokhut’. Dat ben ik namelijk zelf. Ik heb ‘Blokhut bij Skjolden’ geschreven.’
Het bij elkaar getrommelde studiopubliek had tot dusver muisstil als decor gediend. Maar de laatste opmerking van Greta ontlokte een geschokt gemompel. Greta vervolgde: ‘Niet het schrijven van dit boekje is op zich een reden om me terug te trekken als parlementariër, maar de manier waarop ik mijn hoedanigheid als auteur en parlementariër op deze plek met elkaar verweven heb, en dat neem ik mezelf achteraf kwalijk. Dat is voor mij de werkelijke reden dat ik terugtreed. Want uiteindelijk is de geschiedenis met Sveinung Svebestad te lang geleden om er nu nog consequenties aan te verbinden. Daarbij, dat was niet meer dan een ongelukkige samenloop van omstandigheden, een liefde die eigenlijk niet kon, maar waar ik geen spijt van heb.’
Birgitte keek verbaasd van de televisie naar Aleksander en weer terug. Aleksander was echter net zo verbaasd over hetgeen zijn moeder zojuist op de televisie had verklaard, dat hij zijn verbazing niet hoefde te spelen. Hij veranderde echter van verbaasd naar verbijsterd toen zijn moeder haar betoog vervolgde: ‘De reden waarom ik geen spijt heb van mijn relatie met Svebestad is omdat ik daar een mooie zoon aan overgehouden heb.’
Aleksander merkte dat hij even buiten bewustzijn moet zijn geweest, want Birgitte stond met een natte doek zijn hoofd te deppen. Hij herinnerde zich weer dat hij het bloed uit zijn hoofd had voelen trekken en pas daarna wat de aanleiding van zijn flauwte was geweest. ‘ Sveinung Svebestad is mijn vader’, mompelde hij. ‘Ja, erg he?’ Birgitte vatte de reden van zijn schrik verkeerd op. ‘Sveinung Svebestad, wie had dat kunnen denken? Die ouwe reactionaire rat.’ ‘Nee nee, ik bedoel dat ik na al die jaren eindelijk weet wie mijn vader is. Maar dat ik het mijn moeder op de televisie moet horen zeggen.’ Hij ging overeind zitten en bleef verbijsterd overeind zitten zonder wat te kunnen zeggen terwijl Birgitte iets aan hem probeerde te ontlokken. Uiteindelijk gaf ze het op en liet hem bijkomen.
8
Een paar dagen later maakte ‘de liefdesbaby van uitersten’, zoals hij in de media aangeduid werd, de reis van Oslo naar Lillehammer. Aleksander had de dag na het televisie-interview meteen gebeld en Sveinung Svebestad nam zelf de telefoon aan. ‘Ik ben erg nieuwsgierig naar u.’ ‘Ik ben erg benieuwd naar jou.’ Birgitte had niet met hem mee willen gaan. Ze moest zich nog verzoenen met het idee dat haar schoonvader iemand was met in haar ogen radicaal rechtse ideeën. ‘Daar gaan nog wel een paar maanden overheen, als ik al ooit zover kom dat ik me over mijn weerzin kan heen zetten.’ Aleksander had geschokschouderd. Hij was maar met een ding bezig en dat was de ontmoeting met zijn vader waar hij al jaren naar gesnakt had.
De ontmoeting was allerhartelijkst. Sveinung Svebestad wist zelf ook pas sinds het interview van Greta dat hij een zoon had en hij pakte Aleksander bij de schouders en bekeek hem goed. ‘Prachtig jongen, prachtig.’ Sveinung had gebaard dat hij snel mee naar binnen moest komen om ‘heel veel bij te praten’. ‘Ik heb al heel wat stukjes van je gelezen. En nu zit je hier als zoon tegenover me. Ik ben zo blij.’ De zoon en de vader vergaten de tijd en het was al laat in de avond toen zijn vader de glazen en de drank pakte. Aleksander zou toch blijven overnachten. Toen ze voor de vierde keer de glazen klinkend tegen elkaar lieten komen vroeg Aleksander: ‘Hoe komt het eigenlijk dat je destijds zulke extreem rechtse ideeën had?’ Sveinung lachte. ‘Dat valt allemaal wel mee hoor. Je moet gewoon nog maar eens teruglezen wat ik allemaal gezegd en gedaan heb. Tegenwoordig kun je van links tot rechts dezelfde dingen horen die ik destijds ook al op mijn manier heb geroepen. Je moet niet vergeten dat het een heel andere tijd was. Mensen waren in het algemeen veel linkser dan nu. Ik koos er gewoon voor om het spel goed te spelen. Soms als het schip teveel naar links overhelt moet er iemand zijn die een beetje tegenwicht aan de andere kant biedt. Voor mij was het meer een spel, dat kan ik helaas niet van al mijn tegenstanders aan de linkerkant beweren. Die waren af en toe echt fanatiek. Die konden de politiek niet zien als een middel om zaken te doen. Iedereen die niet meepraatte met de de meute werd het liefst het zwijgen opgelegd. Aan die waanzinnige tegenstellingen is het ook te danken dat de relatie van je moeder en mij niet door kon gaan. Ik heb het nooit helemaal kunnen begrijpen, maar ik heb me er bij neergelegd. En ik heb er uit hoffelijkheid nooit wat over losgelaten.’
De andere dag reed Aleksander met grote vrede in zijn hart terug naar Oslo. Hij had zich in zijn hele leven nog nooit zo compleet gevoeld als op dit moment. Mogelijk dat hij wel verdriet voelde van alle gemiste kansen om eerder met zijn vader te praten, maar hij was dolgelukkig dat er nog zoveel kans was om die schade in te halen. Vederlicht liep hij op de deur af van hun appartement. Het was nog vroeg in de avond en hij nam zich voor om Birgitte zo veel als mogelijk erover te vertellen.
Toen hij binnenkwam bleken Greta en Jan op bezoek te zijn. Het eerste wat hij dacht was: ‘Dan wacht ik even met te vertellen over mijn vader.’ Maar toen hij rondkeek zag hij dat iedereen met een vreemde blik naar hem keek. Het was doodstil tot Birgitte het fototoestel pakte en hem de beelden liet ziet van Kremerson en Jan. ‘Schoft, is dit wat ik denk dat het is? Heb jij deze foto’s gemaakt? Als dat zo is, dan heb je heel wat uit te leggen.’ Aleksander haalde zijn schouders op. Hij zei niets, draaide zich om, stapte even later in de auto om weer terug naar Lillehammer te gaan.
IJstijd
1
Nadat hij de nacht bij zijn vader in Lillehammer had doorgebracht en pas tegen het middaguur wakker werd in de logeerkamer hoorde hij het geluid van houthakken in de tuin. Het even voor hij zich realiseerde waar hij was en zijn hoofd voelde alsof zijn hersens los tegen de wanden beukten, het resultaat van teveel drank. Met veel moeite en voorzichtig bewegend kwam hij overeind en stond op. Door het raam zag hij zijn vader in de tuin met een bijl boomstronken in stukken hakken voor de kachel. Hij zag op zijn horloge en kleedde zich aan, met verwarde haardos liep hij naar buiten. Zijn vader draaide zich om. ‘Zo, jij kunt hem raken zeg. Ik hield je bijna niet meer bij. Ik had vanochtend zowaar een zwaar hoofd.’ Aleksander trok een grimas. ‘Hoeveel heb ik gedronken?’ Om met flauwe humor zichzelf een houding te geven vroeg hij: ‘Ik heb toch niet het volkslied gezongen he?’
‘Dat niet, maar je was aardig op weg om alle wereldproblemen op te lossen. Je zou de politiek in moeten.’ Zijn vader draaide zich weer boven het hakblok en spleet met een doeltreffende klap van de bijl een knoestig stuk hout doormidden. ‘Dat doe je met het grootste gemak, zonder er veel inspanning.’ Aleksander zei het bewonderend. Zijn vader draaide zich om en zei met een lachje: ‘Net als bij alles is het zaak om precies de juiste plek te raken. Sommige mensen hakken zich in het zweet en dan is het nog niet gelukt. Wat ik zeg, voor alles is een juiste aanpak.’ Zijn vader keek bij dat laatste veelzeggend, draaide zich om en kliefde een nieuwe stronk doormidden.
Hij wist dat zijn vader bedoelde dat hij de avond ervoor uit een nogal geladen situatie was gestapt met Birgitte en zijn moeder en dat hij ook weer terug moest om de confrontatie aan te gaan. Birgitte had op zijn camera de beelden gezien die hij gemaakt had van Jan Trilaard met de uitgever Kremerson. Het kon bijna niet anders of ze had meteen Greta gebeld. Waarom had ze dat gedaan? Waarom had ze hem niet eerst om tekst en uitleg gevraagd. Natuurlijk, hij had de hele ontmaskering van A. Mannel alias zijn moeder op touw gezet, hoewel hij op dat moment nog dacht dat Triljaard de schrijver was. Nu had zijn moeder zich terug getrokken als parlementariër na decennia lang het politieke boegbeeld te zijn geweest van de linkse vrouwenbeweging. Hoewel hij dat aspect van zijn moeder verafschuwde, was het nooit zijn bedoeling geweest dat ze terug zou treden uit haar politieke bestaan.
Sveinung Svebestad legde een hand op zijn schouder. ‘Wees niet te streng voor jezelf. Het leven moet geleefd worden. Iedereen doet soms dingen die wat tijd kosten om ze aan jezelf en anderen uit te leggen. En ik bedoel werkelijk iedereen. Dus wees mild voor jezelf. Denk je dat je moeder het zo lang in de politiek kon uithouden zonder dat ze af en toe smerige streken moest uithalen?’ Aleksander stopte zijn handen in zijn zakken en merkte dat hij het prettig vond dat zijn vader een hand op zijn schouder had gelegd. Voor het eerst in zijn leven vond hij het prettig om raad te krijgen. ‘Ga je motieven na’, vervolgde zijn vader. ‘Wat waren je werkelijke motieven om tot je daad te komen? Als je dat voor jezelf op een rijtje hebt, kun je het gesprek aangaan. Ik zeg niet dat je dan meteen je hele ziel en zaligheid op tafel moet leggen. Het is dan aan jou om te bepalen welke dingen je wel en niet zult zeggen in een gesprek met je vriendin. Maar als je je motieven kent, dan begrijp je jezelf beter en dat is altijd goed in moeilijke gesprekken.’
Zoals zijn vader het zei was het zo compleet logisch. Maar nadenken over zijn motieven zou niet echt eenvoudig zijn. ‘Neem je tijd’, adviseerde zijn vader. ‘bedenk dat een goede klap meer waard is dan een heleboel slechte klappen.’ Hij hief de bijl hierbij iets omhoog. Toen draaide zijn vader zich om en legde een stronk dusdanig neer dat hij hem goed kon raken.
2
Het was pas de volgende dag dat Aleksander terug naar Oslo reed. Hij had gewandeld en lang nagedacht. Hij kwam vroeg in de middag aan en liep door het lege appartement en merkte dat er iets veranderd was. Het was niet zozeer het appartement, als wel zijn gevoel bij het appartement. Het voelde niet langer vanzelfsprekend als ‘thuis’. Hij was er door verrast en moest onwillekeurig rillen. Hij wachtte tot Birgitte thuis zou komen van haar werk.
Ze kwam iets later dan gewoonlijk en bleef in de deuropening van de huiskamer staan toen ze hem zag. Het was een ongemakkelijke tijd erg stil en uiteindelijk zei Aleksander: ‘We moeten praten denk ik.’ De woede in de stem van Birgitte was duidelijk hoorbaar toen ze antwoordde: ‘We moeten zeker praten. Ik weet niet of ik met je door wil. Wat bezielde je om eergisteren zo de deur uit te lopen? Je kunt dat gewoon niet maken. Waar ben je geweest?’
Aleksander zweeg en proefde de betekenis van de woorden die ze zojuist gezegd had. Ze wist niet of ze door wilde met hem, tegelijkertijd vroeg ze dingen die eigenlijk niet van belang waren als ze een eind aan de relatie wilde maken. ‘Waar wil je als eerste over praten?’ Aleksander keek haar zo neutraal mogelijk aan toen hij het vroeg. Zijn eerdere nervositeit had plaats gemaakt voor een ijzige kalmte. ‘Verdomme, Aleksander, doe een beetje normaal zeg. Jij bent degene die heel wat uit te leggen heeft, niet ik.’ Weer viel hem de ongerijmdheid op die in haar reactie besloten lag. Hij vroeg waar ze als eerste over wilde praten en haar reactie was dat ze vond dat hij normaal moest doen. Was normaal doen dat hij schuldbewust eerst zijn excuses moest aanbieden? Maar wat hadden excuses voor zin als ze al besloten had om de relatie te stoppen? Of was het voortbestaan afhankelijk van de excuses die hij zou maken? Waar wilde ze dan precies excuses over horen?
Ineens moest hij aan de raad van zijn vader denken die zoveel inhield dat hij doeltreffend het juiste moest doen. ‘Ga zitten’, zei Aleksander. ‘Ik wil best antwoord geven op je vragen, maar het minste wat je kunt doen is om ook te luisteren naar de antwoorden. Ook als die antwoorden niet precies overeenkomen met wat je er van verwacht.’ Birgitte aarzelde, maar ging uiteindelijk zitten. Ze ging in de stoel zitten die het verst van hem af was met haar armen over elkaar en zei toen: ‘Ik zit.’ Het klonk afstandelijk en vijandig.
‘Wat is de eerste vraag die je hebt?’ Aleksander probeerde de vijandigheid die ze uitstraalde te negeren. Ze riep: ‘Wat bezielt je om zo te doen? Is dat de invloed die je vader op je heeft?’ Aleksander was even stil en antwoordde toen: ‘Dat is niet een vraag waar ik zo antwoord op kan geven. Kun je een concrete vraag stellen?’ Birgitte stond op en schreeuwde naar hem: ‘Je ontwijkt al mijn vragen. Ik weet niet of ik hier wel zin in heb. Waarom doe je zo lullig?’ ‘Ik doe niet lullig, Birgitte, ik ben hier naar toe gekomen om een gesprek met je te voeren. Maar je stelt allerlei suggestieve vragen waar ik niets mee kan. Kun je in ieder geval proberen dat achterwege te laten?’
Birgitte stampvoette. ‘Waarom heb je je moeder zo beschadigd?’ Aleksander zuchtte, hoewel het in zijn ogen weer een suggestieve vraag was besloot hij om uitgebreid in te gaan op haar vraag. Hij legde uit dat het nooit zijn bedoeling was geweest om zijn moeder te beschadigen. Er was iets met hem gebeurd toen hij haar op de televisie een deel uit ‘Blokhut bij Skjolden’ had horen voorlezen. In het begin had hij geen idee gehad wie de auteur was, maar hij had zijn onderzoek voortgezet zoals een journalist betaamde en hij was er uiteindelijk achter gekomen dat het spoor leidde naar de directe omgeving van Greta Grundlagun. Na zijn ontmoeting met Kremerson, de uitgever, had hij met zijn moeder gesproken. Ze had hem toen niet vertelt dat zij de schrijfster was. Hier stopte hij en toen zei hij: ‘Als ze op dat moment eerlijk naar mij was geweest had ik de zaak verder laten rusten. Want het is nooit mijn bedoeling geweest om haar te beschadigen zoals jij het uitdrukt. Omdat ik uiteindelijk zo’n vast vermoeden had dat de schrijver direct uit de omgeving kwam van mijn moeder trok ik de conclusie dat Jan Triljaard het moest zijn. Ik heb in de afgelopen tijd heel wat nagedacht over mijn moeder en hoe ze me heeft proberen op te voeden. Ik vond die hele toestand met ‘Blokhut bij Skjolden daardoor onverteerbaar. Als je nagaat hoe ze me vroeger op mijn huid heeft gezeten over porno, dan kun je begrijpen dat ik het hypocriet vond. Als ze er vanaf het begin eerlijk over was geweest naar mij of ons toe, of eerlijk over wie mijn vader was, dan hadden we er gewoon een gesprek over kunnen hebben. Dan had ik nog wel met vragen blijven zitten, maar dan was ik nooit verder gegaan met de onthulling van de ware identiteit van de schrijver.’
Birgitte liet het antwoord wat hij had gegeven op zich inwerken. ‘Dus je geeft nu eindelijk onomwonden toe dat jij die vuile streek hebt geleverd?’ ‘Birgitte, als je er zo tegenaan blijft kijken, kan ik daar niets aan doen. Als je geen enkel begrip kunt opbrengen voor mijn motieven, dan kan ik daar ook weinig aan doen. Het enige wat ik kan zeggen is dat het feitelijk niet ik ben geweest die mijn moeder als politica heeft beschadigd. Ik vind dat ze dat zelf heeft gedaan. Ze heeft hoog spel gespeeld door op de televisie uit haar eigen boek een stuk porno voor te lezen. Uit alle reacties die ik daarna hoorde merkte ik dat iedereen het geweldig vond dat ze dit zo deed. Maar ik kon er niets mee. Ze heeft mij met al haar waanideeën een opvoeding gegeven waarbij ik het op z’n zachts gezegd niet makkelijk mee heb gehad en nog steeds niet. Als ik bedenk wat er zou zijn gebeurd als ik een boekje als ‘Blokhut bij Skjolden’ op mijn kamer zou hebben gehad destijds en zij zou het hebben gevonden, dan had ik voor een vrouwentribunaal moeten verschijnen om mezelf te verantwoorden. Nu na al die jaren ziet mijn moeder ineens het licht en schrijft ze zelf zo’n boekje. Ik ging er overigens in het begin alleen nog van uit dat Jan het boekje had geschreven. Maar dat vond ik ook al onverdraaglijk.’
‘En omdat jij rancuneuze gevoelens heb over een alleenstaande moeder die ook maar gewoon haar best probeerde te doen, jaag je haar publiekelijk over de kling? Wie is de volgende die je aan de schandpaal gaat nagelen op je particuliere kruistocht?’ ‘Birgitte, ik denk dat ik alles al uitgelegd heb, maar ik zeg je nogmaals dat ik haar niet over de kling wilde jagen. Ik heb een collega anoniem een tip gegeven en ik had geen enkele andere bedoeling dan Jan Triljaard te ontmaskeren. En ja, dat heeft te maken met rancuneuze gevoelens. Ik zal dat niet ontkennen. Dat mijn moeder daarna zich terugtrok uit de Storting heb ik nooit kunnen voorzien. Maar als ik er denk hoe ze het deed en nota bene op de televisie uiteindelijk uit de doeken doet wie mijn vader is, dan heb ik er geen spijt van. Zo zit het en ik heb er weinig aan toe te voegen.’
‘Aleksander Grundlagun, ik kies in deze partij voor je moeder en ik wil niet meer met je samenleven. Je rot maar op uit dit huis.’ ‘Omdat jij partij trekt voor mijn moeder moet ik per meteen ‘oprotten’ uit dit huis. Hoe zie je dat voor je?’ Birgitte ging weer in de stoel zitten waar ze zojuist zat en sloeg haar armen over elkaar: ‘Gewoon, dat je vertrekt. Ik wil niet met een verrader samenleven. Ik kan het je nooit vergeven. Hoor je dat? Ik kan het je nooit vergeven.’ Aleksander stond op en ging naar de keuken. Even later keerde hij terug. ‘Als we besluiten om uit elkaar te gaan, dan moeten we samen een oplossing vinden om dat op de beste manier te doen. En die beste manier is niet dat ik me hier zo maar laat wegsturen en het allemaal maar moet uitzoeken.’ Zijn stem was vlak.
Het resultaat was uiteindelijk dat Aleksander voorlopig op de bank sliep en dat er een ijselijke sfeer in het huis heerste. Aleksander merkte dat Birgitte regelmatig contact had met zijn moeder, maar hij vroeg er niets over. Hij had waarschijnlijk toch geen antwoord gekregen, maar het interesseerde hem op dit moment niet zo wat zijn moeder dacht of voelde. Daarbij, als zijn moeder belang had gehecht aan contact, zo redeneerde hij, kon ze zelf ook initiatief nemen om te bellen. ‘Ze heeft tijd genoeg nu ze geen parlementariër meer is.’ Maar zijn moeder belde niet en hij sloot zich af voor de gevoelens die dat in hem veroorzaakte.
Zo gingen ze ieder ‘s-ochtends naar het werk en eigenlijk als vanouds kookte Aleksander de gezamenlijke maaltijd die ze zwijgend met elkaar in de keuken nuttigden. Daarna trok Birgitte zich terug op de slaapkamer en hij in de werkkamer. In de weekenden ging hij naar zijn vader. Ze maakten lange wandelingen in de omgeving van Lillehammer en bespraken ‘s-avonds het leven en al de dingen die ze met elkaar nog in te halen hadden. Meestal vertrok Aleksander op maandagmorgen vroeg vanuit Lillehammer naar zijn werk in Oslo en ging hij vrijdagavond meteen van zijn werk naar zijn vader. Zo waren er maar vier avonden dat Birgitte en hij ijzig langs elkaar heen leefden.
Hij besprak de situatie met zijn vader. ‘Het is vreemd dat ik het eigenlijk helemaal niet vervelend vind. Als ik terugdenk aan de oude situatie, dan kon ik eigenlijk nooit echt mezelf zijn. Het kan natuurlijk geen jaren duren zoals we nu leven, maar voorlopig geniet ik er van.’ Zijn vader had hem aangekeken en pas later gevraagd: ‘Wat maakte dat je het gevoel had dat je jezelf niet kon zijn?’ Aleksander had geantwoord: ‘Bij heel veel dingen kregen we vaak van die eigenaardige woordenstrijd. Het was net of ik niet de dingen kon zeggen zoals ik ze wilde zeggen, ik moest altijd, hoe zal ik het zeggen, ja, ik moest altijd politiek correct zijn. Dat is het. Birgitte is een heel leuke vrouw om te zien en als er geen politiek bij te pas komt is ze ook prima, maar ze heeft net als Greta altijd een antenne voor zaken die met de vrouwenstrijd te maken hebben. Ik leerde er wel mee om te gaan, ik leerde om goed na te denken voor ik wat zei, want in een kleine verspreking kon meteen een hele discussie ontstaan.’ Ging je dan nooit de strijd aan?’ ‘Oh nee, ik kende haar hele repertoire aan argumentatie. Ik vond het alleen vermoeiend om er over te praten en ik vermeed het.’
3
Aleksander zat op zijn werk enkele tijdschriften door te nemen met artikelen die over hem gingen. De roddelbladen hadden bij gebrek aan beter nieuws weer aandacht aan hem besteed. Blijkbaar had een van de paparazzi hem gevolgd naar Lillehammer, want er stond een foto in van zijn vader en hem toen ze in de tuin met elkaar aan het praten waren. Ook werd het gerucht besproken dat de ronde deed dat Birgitte en hij in onmin leefden en dat het slechts een kwestie van tijd was voor ze uit elkaar zouden gaan.
Op dat moment kwam Anita Borg op hem af en ze ging, zoals ze dat vaker deed, op het randje van zijn bureau zitten. Het ontging haar niet dat hij, slechts een moment, net iets anders dan anders naar haar keek. En ze had het goed gezien, Alexander was een beetje in verwarring door haar aanwezigheid. Hoewel hij in journalistiek oogpunt altijd wel waardering voor haar kon opbrengen en hij zich altijd al wel bewust was geweest dat ze aantrekkelijk was, bracht de seksloze periode in zijn relatie, voor zover je dat nog een relatie kon noemen, een fysieke reactie teweeg nu ze met haar weelderige achterste op zijn papieren had plaatsgenomen.
Anita schraapte haar keel en keek hem even aan en maakte slechts een moment een verlegen indruk. ‘Ik wilde je om een gunst vragen.’ Alexander legde de roddelbladen op het vrije stuk van zijn bureau en vroeg: ‘En wat voor gunst mag dat zijn?’ ‘Wel, je hebt blijkbaar een goede band opgebouwd met Sveinung Svebestad, je vader. En die man heeft een heel interessant verhaal te vertellen over de politiek van de afgelopen dertig jaar. Niet te vergeten heeft hij eerverleden jaar een boek geschreven. Ik wil hem interviewen en ik wil jou vragen of je een goed woordje voor me wil doen. Tot zo ver heeft hij alle verzoeken voor een interview afgewezen.’ Aleksander overdacht haar verzoek. Hoewel hij vrijwel zeker wist dat zijn vader bij zijn weigering zou blijven kon hij natuurlijk bij gelegenheid ter sprake brengen dat Anita hem dit nu gevraagd had. ‘Ik kan je niet beloven dat hij zal toehappen, maar ik wil het voor je vragen.’ Anita keek hem warm en lachend aan: ‘Mooi, dat is alles wat ik van je vraag, een goed woordje voor me.’ Toen ze naar hem lachte voelde Aleksander dat hij bloosde en hij hoopte dat de lichamelijke reactie, die haar nabijheid teweeg bracht, niet op zou vallen. Het ontging Anita niet, toen ze van zijn bureau wipte ging ze even met haar hand langs zijn gezicht en zei: ‘Je bent lief, heeft iemand je dat al eens gezegd?’
Ze liep langzaam weg en keek, toen ze een paar meter verwijderd was, nog een keer over haar schouder en lachte weer naar hem. Hij voelde zich betrapt omdat ze zag dat hij naar haar deinende achterste keek. Aleksander kon zich niet herinneren dat hij ooit zo gebloosd had, of het moest jaren geleden zijn toen zijn moeder hem ter verantwoording had geroepen over het pornoboekje dat ze onder zijn matras gevonden had. Hij liep naar het toilet en mompelde tegen zijn spiegelbeeld: ‘We gaan de situatie niet moeilijker maken dan hij al is, he broer?’ Hij liet wat water in zijn handen stromen en gooide het koude water tegen zijn gezicht.
Het was een maandagmiddag dat dit gebeurde en juist op die avond sprak Birgitte onder het eten tegen hem. Hij was zo gewend aan de ijselijke stilte dat hij bijna schrok toen ze ineens het woord tegen hem richtte. ‘Hoe lang gaan we hier mee door?’ Het klonk niet eens zo heel vijandig. Hij keek haar aan en zei: ‘Wat mij betreft kunnen we er meteen mee ophouden. Maar jij bent degene die de stekker uit onze relatie getrokken heeft. Jij bent de enige die hem er weer in kan stoppen, toch?’ Hij keek haar vragend aan. Ze zei niets toen ze opstond en hem zoende. Hij sloeg zijn armen haast automatisch om haar middel en niet veel later lagen ze verstrengeld op de keukenvloer.
Direct na afloop stond ze op en verdween in de slaapkamer die ze met een bons liet dichtvallen. Aleksander lag nog op de keukenvloer terwijl hij verbaasd keek in de richting waarin ze verdwenen was. Toen stond hij op en nadat hij zijn kleding in orde had gemaakt ruimde hij de tafel af en zette de vaatwasser aan. Hij trok zijn jas aan en maakte een wandeling. Er was een harde wind die niet heel koud was, maar die hielp bij het schoonmaken van zijn hoofd. Het ene moment leek alles nog met een vrijpartij weer ten goede te keren en het volgende moment had hij niet meer geweten waar hij aan toe was. Een ding was zeker, zo bedacht hij, hij zou vrouwen nooit echt begrijpen.
De rest van de week brachten ze weer zwijgend door en Aleksander begon zich af te vragen of de heftige vrijpartij wel had plaatsgevonden, behalve dan in zijn eigen hoofd. De vrijdag brak weer aan en Aleksander pakte een tas in om direct na werktijd weer naar Lillehammer te gaan om zoals dat gebruikelijk geworden was, het weekend bij zijn vader door te brengen. Birgitte was vroeg van huis gegaan en hij genoot nog even van de ontspannen sfeer in het huis nu hij er alleen was.
Een uur voor hij zou vertrekken kwam Anita weer op het randje van zijn bureau zitten. Ze had opgestoken haar met hier en daar wat losse plukjes. Ze droeg een korte rok en een kort jasje, beiden van zwart leer en een witte blouse. ‘Aleksander, ik vroeg me af, of ik met je mee zou mogen rijden naar Lillehammer? Ik heb van het weekend geen afspraken en ik kan het wel gebruiken om er even tussenuit te zijn. Ik neem een hotelletje daar en dan rij ik maandag weer met je terug.’ Ze lachte ondeugend: ‘Op die manier vergeet je in ieder geval niet om een goed woordje voor me te doen bij je ouwe heer.’ Aleksander voelde er zich niet makkelijk bij, maar hij vond het moeilijk om nee te zeggen. Ze had technisch gesproken alleen een lift gevraagd op een ritje van Oslo naar Lillehammer en terug.
‘Mooi, dat is afgesproken’, ze had zijn antwoord niet eens afgewacht en sprong van zijn bureau af. ‘Ik ga even mijn spullen pakken en de computer afsluiten. Nergens heen gaan zonder mij, ik ben er zo.’ Hij keek hoe haar zwarte laarsjes kittig door het tapijt ploegden. En na een uurtje zaten ze samen in de auto om zich door het drukke verkeer van Oslo in de richting van Lillehammer te begeven. Toen ze de stad uitreden, gooide Anita haar opgestoken haar los en trok ze haar laarsjes uit. Ze zette haar voeten op het dashboard en vroeg: ‘Mag ik roken in je auto? Ik weet het is een smerige gewoonte, maar als ik autorijd, vind ik het lekker.’ Ze wachtte zijn antwoord niet af en stak een sigaret aan.
Aleksander haalde zijn schouders op en probeerde zich te concentreren op de weg voor zich. Dat was niet makkelijk, hij voelde zich opgelaten, Anita was erg aanwezig in de auto en door de manier waarop ze met haar blote voeten op het dashboard zat leek het erop alsof ze zich helemaal thuis voelde. ‘Gaat het een beetje met je?’ vroeg ze terwijl ze naar hem keek. ‘Ja, het gaat wel. Dank je.’ Hij probeerde zo luchtig mogelijk te klinken. ‘Je bent dapper. Al die shit die de bladen over je schrijven. Ik weet niet hoe ik me eronder zou voelen.’ Aleksander haalde zijn schouders op. ‘Je kunt er niets aan doen en volgende maand schrijven ze weer over andere dingen. Het is niet leuk, maar het gaat ook weer over. Daarbij, wie kijkt er nu in de bladen?’ Ze boog zich over de stoel om iets uit haar tas te pakken. Aleksander vroeg zich af wat ze die ochtend had bedacht toen ze haar tas had ingepakt. Blijkbaar ging ze er van uit dat ze hoe dan ook met hem mee zou gaan.
Aleksander wist niet waar er een hotelletje was in Lillehammer. Normaal sloeg hij in begin van het stadje af om naar het afgelegen huis van zijn vader te gaan. Hij zette na een korte zoektocht de auto aan de kant en belde zijn vader op. Toen hij uitlegde dat hij een hotel voor een collega zocht die een weekend in Lillehammer wilde blijven, stond zijn vader erop dat Aleksander die collega mee zou nemen om de gastvrijheid van Sveinung Svebestad mee te maken. Toen hij weer weg wilde rijden kwam er een groepje tieners voorbij die hem herkenden. Ze riepen en joelden iets naar hem wat hij niet kon verstaan en hij reed weer terug naar het begin van het dorp om de afslag te nemen die naar het huis van zijn vader leidde. ‘Die jongelui hebben in ieder geval wel de bladen gelezen.’ Anita lachte.
Sveinung Svebestad stond hen al bij het begin van het pad op te wachten en keek aangenaam verrast dat de collega waar Aleksander het over had gehad een jonge vrouw was. Hij gaf haar een arm en leidde haar naar het huis terwijl Aleksander de tassen meedroeg achter hen. Hij zag hoe zijn vader charmant deed tegen Anita en hoe zij zich zijn charme liet welgevallen. ‘Ik ben een groot bewonderaar van u.’ Zijn vader boog naar haar en vertrouwde haar toe: ‘Jongedame, vanaf dat ik je zag is deze bewondering geheel wederzijds.’ Om geen misverstanden te laten ontstaan riep Alexander: ‘Anita wilde dat ik aan je vroeg of ze eens een interview met je kon hebben over je werk en je boek.’ Zo, nu wist zijn vader wat er boven zijn hoofd hing. ‘Een interview, mmm, ik laat me graag overhalen door deze jongedame. Maar goed we zullen het er nog over hebben.’ Kom binnen mensen, kom binnen in het huisje van Sveinung Svebestad.’
Toen ze even later samen in het kleine keukentje stonden en Anita in de muziekcollectie aan het neuzen was, floot zijn vader een klein bewonderend fluitje. ‘Mooie meid jongen. Kittig ding ook. Het leven moet geleefd worden.’ Hij gaf Aleksander een knipoogje. Aleksander zei niets terug en besloot dat hij zich maar wat zou ontspannen. Het had weinig zin om zich het hele weekend opgelaten te voelen. Zijn vader had erop gestaan dat Anita mee zou komen. Wat er ook uit zou komen als resultaat, een interview of niet, dat lag buiten hem. Toen ze weer in de huiskamer kwamen zat Anita op de grond met enkele albums van Billie Holiday in haar handen. ‘Dit vind ik zo geweldig’, zei ze stralend en ze keek naar zijn vader die goedkeurend keek naar haar keuze. ‘Ja dat is inderdaad heerlijke muziek, wacht ik zet het meteen op.’
Op de vroege zaterdagochtend besteedde Aleksander aan het wassen van zijn auto. Het was iets wat hij van zijn vader overgenomen had. Klusjes doen in de buitenlucht was heel rustgevend. Hij kon die rust goed gebruiken. Anita en hij hadden de logeerkamer gedeeld en terwijl hij op een matras op de grond lag, had hij de slaap moeilijk kunnen vatten. Ze hadden zoals gebruikelijk flink wat borrels gedronken en Anita had zich aardig geweerd door op bijna hetzelfde tempo gelijke tred te houden met zijn vader en hem. De hele nacht spookte het beeld in zijn brein van het naakte lichaam van Anita wat hij had proberen te vermijden om te zien, maar waar hij toch een glimp van had opgevangen toen ze onder de lakens gleed. Hij was die ochtend voor dag en dauw opgestaan en was naar buiten gegaan. Toen hij bijna klaar was, kwam zijn vader naar buiten. ‘Zo jongen, jij bent vroeg op voor jouw doen dan. Heb je niets beters te doen dan het wassen van je auto?’ Zijn vader gaf hem een knipoogje en ging naar binnen om het ontbijt te maken.
Toen ze even later met z’n drieën aan het ontbijt zaten en Anita haar koffiemok in twee handen hield en er langzaam genietend trekjes van nam, zei z’n vader: ‘Nog maar enkele maanden geleden was ik een oude man die zijn dagen sleet in alle eenzaamheid en nu zit ik hier gezellig met mijn zoon en een mooie vrouw aan het ontbijt. Ik leef er helemaal van op.’ ‘Ja, laten we er een gezellige dag van maken. Ik wil vanavond wel koken. Ik verzin wel een leuk recept.’ Anita keek vragend naar hen beiden. ‘Goed idee, jongedame, goed idee. We gaan gezellig lopend naar het centrum en dan halen we lekkere dingen. O ja, ik heb er goed over nagedacht, ik wil wel een interview met je doen. Ik sta per meteen tot je beschikking. Ik wil het alleen wel lezen voordat je het gaat publiceren.’ Anita sprong op en gaf hem kussen op zijn wang. ‘Je vader is een kanjer’, zei ze tegen Aleksander.
Die middag na de lange wandeling naar de winkels in Lillehammer en terug stonden zijn vader en Anita in de keuken te ginnegappen onder het kokkerellen. Zijn vader vertelde sappige geschiedenissen uit zijn politieke tijd en Anita gierde het soms uit van het lachen. Aleksander moest glimlachen en ging op de bank liggen om de kranten te lezen.
Net voor ze gingen slapen boog Anita over het randje van het bed om te zeggen: ‘Ik ben jaloers op je Aleksander, jij kunt elke week genieten van die fantastische man. Ik voel me zo thuis hier. Ik zou hier wel elk weekend met je naar toe willen.’ Aleksander zweeg en vroeg zich af hoe het zou zijn als hij doordeweeks in een ijzige relatie zou zitten met Birgitte en in het weekend dolle pret zou maken met zijn vader en Anita. Het zou het recept zijn voor een explosieve situatie waarbij kneedbommen in het niets zouden vallen.
4
De terugreis naar Oslo verliep zonder noemenswaardige gebeurtenissen en Aleksander concentreerde zich op zijn werk voordat hij terug naar het appartement zou gaan. De dagen verliepen weer in een stramien met de Grote Stilte totdat op de donderdag de nieuwe roddelbladen uitkwamen. Pront op de voorkaft van twee van die bladen prijkte een foto van Aleksander die samen met Anita uit het huis van zijn vader kwam. Binnenin stonden foto’s die met mobiele telefoons waren genomen en die Aleksander in zijn auto toonden terwijl Anita met haar voeten op het dashboard naast hem zat. Het zag er erg gezellig, maar vooral suggestief uit. Daarnaast was een foto van Birgitte afgedrukt waar met grote koeienletters boven stond: ‘Borgitte Hanson bedrogen door onmogelijke liefdesbaby pornomam’. Afgezien van de verkeerd gespelde naam en de onmogelijke syntaxis van de zin, was het genoeg om een explosie te veroorzaken toen Birgitte kort na hem het appartement binnenkwam. Ze smeet de bladen voor zijn neus en zei: ‘Dus daar ben jij mee bezig in de weekenden?’ Alexander roerde in een pannetje en merkte droog op: ‘Ik wist niet dat jij dergelijke bladen las.’
‘Daar gaat het nu niet om. Waar het om gaat is dat jij mij in de weekenden belachelijk maakt voor de ogen van de hele wereld. En dan te bedenken dat ik nog seks met je heb gehad verleden week. Als ik dit geweten had, dan had ik me wel drie keer bedacht.’ Aleksander had geen zin om er op in te gaan. Het was langzaamaan aan niemand meer uit te leggen hoe zijn situatie op dit moment werkelijk in elkaar zat. Niemand zou het begrijpen. Hij begreep het zelf nauwelijks. Hoe kon hij het Birgitte kwalijk nemen dat zij het ook niet begreep? Hij ging door met de voorbereidingen van de maaltijd en onderwijl werd Birgitte steeds kwader. ‘Laten we er later over praten als je rustiger bent’, probeerde hij haar te sussen. ‘Ik wil helemaal niet rustiger worden. Zo lang jij hier in dit appartement rondloopt, kan ik ook helemaal niet meer rustig zijn.’ Birgitte liep als een getergde tijgerin heen en weer in de keuken. Aleksander dekte inmiddels de tafel en zei niet veel later: ‘Het eten is klaar, zullen we aan tafel gaan? Ik heb spaghetti gemaakt op de manier waarop jij het lekker vindt.’ Ze ging aan tafel zitten en riep uit: ‘Hoe kun je je zo kalm voordoen? Je doet net of er helemaal niets aan de hand is.’ Aleksander schepte op een geconcentreerde manier spaghetti op zijn bord en antwoordde rustig: ‘Er is ook weinig aan de hand, behalve dan dat jij een eind aan de relatie hebt gemaakt en dat we hier in een langdurige ijstijd leven.’ Birgitte wees in de richting van het aanrecht waar ze de bladen op had gelegd: ‘En wie is dat mens?’ ‘Dat mens is Anita Borg, zij heeft een interview met mijn vader geregeld en zodoende is ze met me meegereden.’ Birgitte schamperde: ‘Ze voelt zich wel erg thuis in je auto he? Ze ziet er niet uit alsof ze alleen op een zakelijk tripje is.’ Aleksander haalde zijn schouders op en at zijn spaghetti. Het had geen zin om hier op in te gaan.
Na de maaltijd die verder zwijgend verliep beende Birgitte naar de slaapkamer en sloeg de deur achter zich dicht. Aleksander hoorde haar daarna uren telefoneren. Hij moest moeite doen om niet steeds letterlijk te kunnen verstaan wat Birgitte aan haar vrienden vertelde. Steeds als ze weer iemand anders aan de lijn had hoorde hij haar verontwaardigd zeggen: ‘Hij zegt dat het alleen maar een collega is en dat er verder niets aan de hand is.’ Hij verdween na het opruimen van de keuken naar de werkkamer waar hij het minst last zou hebben van haar telefoneren. Toen hij na een paar uur even naar de badkamer ging, zag hij dat er gepakte weekendtassen in de hal stonden. Later hoorde hij de voordeur met een smak dichtvallen en was Birgitte vertrokken. Voorlopig, zo bleek later, naar het appartement van Greta Grundlagun, die zich over haar ontfermde.
Er ontstond een onwezenlijke rust in het appartement. Aleksander die nog niet zeker wist dat Birgitte echt haar biezen had gepakt, wachtte nog enige tijd, maar uit alle persoonlijke spulletjes die niet meer in de slaapkamer en de badkamer stonden concludeerde hij dat ze niet meer terug zou komen. ‘Dan is het niet nodig dat ik nog op de bank slaap.’ De hele affaire kreeg een onstuitbare dynamiek die niet meer door hem te stoppen of te beïnvloeden leek. Hij constateerde het en wilde zoveel als mogelijk zijn innerlijke rust bewaren. Hij zou de dag erna weer bij zijn vader zijn en dan kon hij er rustig over praten.
5
Het interview met zijn vader verscheen in de week erna. Anita had van de krant een hele bladzijde gekregen om Sveinung Svebestad te portretteren en aan het woord te laten. Het was de lezers duidelijk dat ze de oude politicus in ruste erg sympathiek had gevonden, want de eruditie en de humor spatte van de pagina af. Er stond een foto bij van zijn vader en Aleksander. De fotograaf was er speciaal in het weekend voor langs gekomen en had vader en zoon in de tuin gefotografeerd.
De week daarna hadden de roddelbladen weer ruimte voor Alexander ingeruimd en ze kwamen met het nieuws dat na het ‘bedrog’ van de ‘onmogelijke liefdesbaby’ zijn vriendin haar koffers had gepakt en nu aan het uithuilen was bij haar schoonmoeder, de bekende ex-parlementariër, feministe en schrijfster van gewaagde werkjes. Het was Anita Borg die hem de artikelen liet zien. ‘Je had me nog niet gezegd dat je vriendin de deur uitgelopen is.’ ‘Ik wil het er niet over hebben.’ Aleksander probeerde zich zo goed als mogelijk op zijn werk te concentreren, maar feit was dat hem dat al een paar weken in het geheel niet meer lukte. Het enige waar hij zich nu aan vastklampte was het vage besef dat het ergste nu zo ongeveer wel gebeurd was en dat hij moest afwachten tot alle rumoer langzaam zou verstommen rond zijn persoon waarna hij weer langzaam aan het echte leven zou kunnen deelnemen.
Maar er waren minstens nog twee zure appels waar Aleksander doorheen moest bijten. De eerste zure appel was dat in een serieus weekblad een voorpublicatie stond van een boek dat zijn moeder aan het samenstellen was. Het boek ging in op voor en tegenspoed die Greta had meegemaakt bij de opvoeding van haar zoon als alleenstaande moeder. Toen Aleksander het artikel las trok hij wit weg. De meest intieme details werden uit de doeken gedaan. Het boek zou twee maanden na de voorpublicatie in de winkels liggen.
De tweede zure appel werd hem aangereikt door de hoofdredacteur. Door alle commotie die over Aleksander was ontstaan, was hij niet meer in staat om de krant te vertegenwoordigen op een manier die de hoofdredacteur wenselijk vond. Hij wees daarbij ook op de voorpublicatie van het boek over de opvoedingsperikelen: ‘Het ziet er ook niet naar uit dat dit snel gaat veranderen. En wat nog meer is, je hebt misschien je uiterste best gedaan de laatste tijd, maar er is niets fatsoenlijks meer uit je handen gekomen de laatste anderhalve maand. Nogmaals ik heb daar begrip voor, het is allemaal erg beroerd voor je, maar het is niet anders. Je jaarcontract wordt niet verlengd. We betalen je nog door tot het einde van de contractperiode, maar je bent vanaf heden op non-actief.’
Aleksander hoorde het uiterlijk onbewogen aan. Hij ging terug naar zijn bureau en begon zijn persoonlijke bezittingen bij elkaar te pakken en stopte ze in een doosje. Samen met andere collega’s kwam ook Anita op hem af, geschrokken. ‘We gaan nog protesteren hoor, tegen deze stomme beslissing’, zei ze. Aleksander keek even naar de gezichten van de mensen die rondom hem stonden. ‘Nu maken ze zich druk’, zo dacht hij, ‘volgende week is het business as usual en zou iedereen zich om zijn eigen zaakjes bekommeren.’ Zonder wat te zeggen liep hij langs zijn inmiddels ex-collega’s naar de uitgang.